Uit het nieuws 07-05-2018

 

Door: Franklin ter Horst

Met dank aan het Bijbelstudieteam Simonida Dijkhuis-Nijhof en Jur van Calkar voor hun medewerking aan deze Bijbelstudie.

 

De openbaring van Johannes (deel 28)

Openbaring 13 Het beest uit de zee en het beest uit de aarde” (deel 1)

 

Openbaring 13:1 “En ik zag uit de zee een beest opkomen met tien horens en zeven koppen; en op zijn horens tien kronen en op zijn koppen namen van godslastering.”

 

Met de zee wordt in de Bijbel de mensenmenigte bedoeld:

 

Jesaja 57:20  Maar de goddelozen zijn als de zee, zo opgezweept, dat zij niet tot rust kan komen, en wier wateren slijk en modder opwoelen.

Dit geeft aan dat de goddelozen vanuit de geest van satan (draak) aangestuurd worden en “modder en slijk” duidt op zonden. 

Daniël 7:2  Begin van het bericht. Daniël hief aan en zeide: Ik had in de nacht een gezicht en zie, de vier winden des hemels brachten de grote zee in beroering, 3en vier grote dieren stegen uit de zee op, het ene verschillend van het andere.”

 

Openbaring 17:15En hij zeide tot mij: De wateren, die gij zaagt, waarop de hoer gezeten is, zijn natiën en menigten en volken en talen.”  

 

In hoofdstuk 13 legt Johannes uitvoerig uit dat na de uitwerping van satan uit de hemel er uit de zee een “beest”, wat in hoofdstuk 11:7 al werd aangekondigd, opkomt met zeven koppen en tien horens.

Openbaring 17: 12 t/m 14 “En de tien horens, die gij zaagt, zijn tien koningen, die nog geen koningschap hebben ontvangen, maar één uur ontvangen zij macht als koningen, met het beest. Dezen zijn één van zin en geven hun kracht en macht aan het beest. Dezen zullen oorlog voeren tegen het Lam, maar het Lam zal hen overwinnen – want Hij is de Here der heren en de Koning der koningen – en zij, die met Hem zijn, de geroepenen en uitverkorenen en gelovigen.”

De zeven koppen vormen dus een rij machten die wereldmachten voorstellen die slechts een korte periode zullen samenwerken met het beest. Het beest uit de zee is de belichaming van de wereldrijken in het laatste stadium. Het is dus politiek bepaald.

Het gaat om een menselijke figuur uit de “zee der volken” (de goddeloze volkeren) die al zijn kracht van de draak ontvangt.

En ik zag uit de zee een beest opkomen met tien horens en zeven koppen; en op zijn horens tien kronen en op zijn koppen namen van godslastering. En het beest dat ik zag, leek op een panter, en zijn poten waren als die van een beer, en zijn muil was als de muil van een leeuw. En de draak gaf hem zijn kracht, zijn troon en grote macht.

In dit beest zijn alle kenmerken van de vier dieren uit Daniël 7 vertegenwoordigd. Dit maakt duidelijk hoe verschrikkelijk dit tweede beest is dat uit de zee komt. 

Als de draak vol grimmigheid aan de oever van de volkenzee staat, wordt de ware aard van zijn satanische macht openbaar en draagt hij als “vorst van deze wereld” zijn macht over aan een monsterachtige menselijke handlanger, het beest uit de zee. Deze krijgt van hem de volmacht op aarde te heersen. Het is de antichrist, het monster van de eindtijd, een figuur met onbeschrijflijke wreedheid. Zoals Jezus/Yeshua een afbeelding is van God, zo is dit eerste beest, in helse betekenis de afbeelding van de duivel.

Sommige christelijke groeperingen huldigen de on-Bijbelse visie dat de komst van de antichrist al in historische tijden zou hebben plaatsgevonden. Men baseert zich daarbij onder meer op de tekst in (Lukas 21:20-24) waarin staat dat Jeruzalem door de heidenen zal worden vertrapt, totdat de tijden van de heidenen vervuld zijn. Door de kerkgeschiedenis heen werd deze 'profetie' uitgelegd als vervuld door de Romeinse belegering van Jeruzalem en de verwoesting van de tempel in het jaar 70 na Christus. Sommige onderzoekers menen dat de rol van de antichrist al in het verleden in verscheidene pausen werd vervuld. Anderen zien de antichrist niet als een persoon maar als een systeem, een wereldrijk. Maar deze visies blijken gedeeltelijk onjuist.

Ook bestaat er nog al wat verwarring over de “identiteit”van de antichrist met betrekking tot het eerste en het tweede beest. Sommigen menen dat niet het eerste, maar het tweede beest de antichrist is, omdat hij als een gestalte met twee lams-horens wordt voorgesteld. Het tweede beest staat echter geheel ten dienste van het eerste beest. Dus kan het tweede beest niemand anders dan de valse profeet zijn. Hij is de ware helper van het eerste beest en dit eerste beest kan daarom beschouwd worden als de antichrist.

De draak weet dat hij nog maar weinig tijd heeft. Hij weet immers dat wat hem te wachten staat wat in Openbaring 20:1-3 geprofeteerd is, dat hij gegrepen zal worden en in de afgrond zal worden opgesloten. Hij aarzelt dan ook geen moment te handelen, want niets is hem liever dan zoveel mogelijk slachtoffers in die korte tijd te maken. Zodra de draak zijn macht aan de antichrist overdraagt wordt er over het uiterlijk van de draak niets meer gezegd. De draak heeft geen toegang meer in de hemel om mensen aan te klagen op grond van de Tora en krijgt nu volledig gestalte in aardse macht van het beest uit de zee. Daarom maakt hij nu gebruik van de nu gekroonde horens die de openbaring van de tien koninkrijken in de eindtijd aanduiden.

 

De zeven koppen van het beest daarentegen zijn juist niet gekroond, maar dragen namen van godslastering. Hij zal verschijnen in de periode voorafgaand aan het duizendjarige rijk als de grote tegenstander van God en een vijand van de mensen.

Het is de antichrist, de mens der zonde, die alle kwaad in zich verenigt. Dit beest zal opkomen in een woelige tijd van ontreddering en beroering. Hoewel de Bijbel slechts enkele keren het woord “antichrist” gebruikt; wordt op een aantal plaatsen verwezen naar een verschrikkelijk mens, die in de periode voorafgaand aan de terugkomst van Jezus/Yeshua grote macht over de wereld zal uitoefenen. Het was Johannes die hem het eerst de antichrist noemde:

1 Johannes 2:18  “Kinderen, het is de laatste ure; en gelijk gij gehoord hebt, dat er een antichrist komt, zijn er nu ook vele antichristen opgestaan, en daaraan onderkennen wij, dat het de laatste ure is.”

1 Johannes 2:22Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent.”

Johannes waarschuwt de gemeente niet iedere geest te vertrouwen:

1 Johannes 4:1-3Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan. Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God. En dit is de geest van de antichrist, waarvan gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld.”

Hieronder vallen alle godsdiensten onder die Jezus/Yeshua niet als de Zoon van God erkennen.

2 Timótheüs 3:2-3-4-5 “… want de mensen zullen zelfzuchtig zijn, geldgierig, pochers, vermetel, kwaadsprekers, aan hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, liefdeloos, trouweloos, lasteraars, onmatig, onhandelbaar, afkerig van het goede, verraderlijk, roekeloos, opgeblazen, met meer liefde voor genot dan voor God, die met een schijn van godsvrucht de kracht daarvan verloochend hebben; houd ook dezen op een afstand.

Johannes karakteriseert antichristen als naamchristenen die openlijk afvallen en zich dan met leugens tegen de ware gemeente keren.

1 Timótheüs 4: 1t/m5 “Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, 2door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn, 3het huwelijk verbieden en het genot van spijzen, welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt door de gelovigen, die tot erkentenis der waarheid gekomen zijn. 4Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt: 5want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.

Het Oude Testament maakt al snel duidelijk dat de mens rekening moet houden met de Macht der Duisternis; het gehoornde wezen "de heer der chaos". Jezus/Yeshua Zelf ontkende bij de "Verzoeking in de Woestijn" op geen enkele wijze Satans bevoegdheid, dat hij de koninkrijken van deze wereld zou kunnen geven, aan wie hij wil. Uit alle eindtijdprofetieën is op te maken, dat het Kwaad juist tegen de tijd van Jezus/Yeshua’s Wederkomst op aarde een bijzonder hoogtepunt zal bereiken tijdens het bewind van de antichrist. Hierbij is de Satan de grote inspirerende geest die de mensen doet geloven dat alles is volbracht.

Hoewel dit waar is voor wat betreft de verzoening, geldt dit zeker niet voor de strijd die begon bij Genesis 3:15. Satan regeert momenteel de wereld, de Bijbel noemt hem de “overste van deze wereld”. Het koninkrijk van Jezus/Yeshua is niet van deze wereld. Omdat ook wij niet van deze wereld zijn krijgen we strijd. Vanuit de wedergeboorte zullen we de strijd te voeren hebben door Woord en Geest. Dit is Zijn strijd waarin Hij ons voorgaat. Dit blijkt bijvoorbeeld uit:

Romeinen 16:20  De God nu des vredes zal weldra de satan onder uw voeten vertreden. De genade van onze Here Jezus zij met u!

Lang niet alles is even duidelijk over de laatste grote leider, aan wie het grootste deel van de hele mensheid haar vertrouwen zal geven en die haar zal leiden tot de laatste opstand tegen de God en Zijn Zoon Jezus/Yeshua.

Hij loochent de Vader en de Zoon en dan in die zin dat wie de Zoon niet heeft, ook de Vader niet heeft. Het is de laatste poging van de mens om buiten God om tot vrede en welstand te komen. Hij zal in het begin helemaal niet opvallen maar uiteindelijk zal het gaan om een supermens die zonder enige belemmering door de mensheid geaccepteerd zal worden, zoals Jezus/Yeshua heeft gezegd:

Johannes 5:43Ik ben gekomen in de naam mijns Vaders en gij neemt Mij niet aan; indien een ander komt in zijn eigen naam, die zult gij aannemen.”

De antichristenen vertonen allen de kenmerken van hun heer, de duivel. Hij zal de grootste tegenstander van God zijn die ooit onder de mensen is verschenen. Paulus schrijft in zijn 2e brief aan de Thessalonicenzen:

2 Thessalonicenzen 2:4 “Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren, de zoon des verderfs, de tegenstander, die zich verheft tegen al wat God of voorwerp van verering heet, zodat hij zich in de tempel Gods zet, om aan zich te laten zien, dat hij een god is.

Een menselijke veroveraar die, uitgerekend in Jeruzalem, de stad die God verkiest, godslasterlijke uitspraken zal doen en obscene handelingen zal verrichten waarmee hij grote geestelijke en lichamelijke moeite over Gods volk en over de hele wereld zal brengen. Deze profetie is ten dele vervuld door de Seleucische koning van Syrië, Antiochus IV Epiphanes.

Antiochus IV Epiphanes

Deze Epiphanes was afkomstig uit het gebied dat behoorde tot het Oost-Romeinse Rijk, het hedendaagse Syrië. Epiphanes betekent “verheerlijkte’, al werd hij achter zijn rug Epimanes genoemd; “waanzinnige”. Tijdens zijn schrikbewind van 3½ jaar (!) over Jeruzalem, liet hij een altaar voor de Griekse god Zeus (Jupiter bij de Romeinen) in de tempel plaatsen. Zeus en Jupiter zijn trouwens verschillende namen voor Nimrod.

Ook werd het leven vanuit het Wetboek van Mozes (de Torah) strafbaar gesteld en voor het bezit ervan, kon men de doodstraf krijgen. Alle vindbare exemplaren werden vernietigd. Voorts werd de Joodse offercultus verboden. In de Tempel werden varkens geslacht en in de heilige zalen hadden de heidenen gemeenschap met vrouwen. De Joden die zich tegen deze terreur verzetten werden op gruwelijke wijze gemarteld. Bovendien maakte Epiphanus zich meester van de tempelschatten. Zijn tirannie eindigde in 164 v. Chr., na een opstand onder leiding van de familie der Makkabeeën. Hij stierf als een waanzinnige. Een verslag van deze opstand en de daarop volgende onafhankelijkheidsstrijd is te vinden in de boeken van de Makkabeeën. De Tempel werd ontdaan van alle Hellenistische attributen en opnieuw ingewijd. Deze gebeurtenis wordt tot op de dag van vandaag gevierd tijdens het Chanoekafeest. Epiphanes wordt gezien als de voorloper van de antichrist.

Gezien de huidige ontwikkelingen op wereldniveau, bevindt de wereld zich in de tijd waarin de komst van de alles vernietigende geweldenaar, de anti-messias zich aandient, de valse messias, die al de macht van satan zal bezitten. Als hij zich vervolgens in een machtspositie bevindt, dan zal hij pas zijn ware aard ontplooien.

 

De in nood verkerende mens zal geloven dat de anti-messias de gigantische wereldproblemen van dat moment zal weten op te lossen en daarom als een god aanbeden zal worden. Alle naties, godsdiensten en levensbeschouwingen zullen onder één dictatoriaal gezag geplaatst worden waar geen geloof meer zal worden toegestaan in de God van Israël. De ‘machten van de duisternis’ zullen over de aarde regeren. Hij zal zich bedienen van menselijke medewerkers. Hij zal in korte tijd bijzonder veel macht verkrijgen dat voor een belangrijk deel te danken zal zijn aan de ontreddering en wanorde waarin de wereld zich bevinden zal. Hij zal alle andere arrogante schurken uit het verleden overtreffen in het duivelse kwaad. Mensen als Antiochus Epiphanus, Nero, een aantal pausen en Hitler waren nog gematigde figuren in vergelijking met de komende antichrist.

 

Tijdens een aanval van demonische razernij, woede en schizofrenie zou Hitler een visioen hebben gehad die bij hem dodelijke angst had veroorzaakt. Hij zou een beeld hebben gezien van de komende antichrist, angstaanjagender en vele malen gewelddadiger dan zijn eigen duivelse regiem. Ze noemden hem ook wel de Teppich fresser. De Bijbel maakt duidelijk dat de komende antichrist volkomen van de duivel bezeten zal zijn en Hitler vele malen in wreedheid zal overtreffen.

 Het beest Adolf Hitler

Zoals chaos de weg bereidde voor de opkomst van Hitler, zo zal de komende chaos de antichrist ten tonele voeren. Overal zal destabilisatie, ontbinding en ontwrichting heersen. Hitler propageerde zijn 1000 jarig rijk en de komende schurk zal een ‘eeuwig rijk’ propageren.

De antichrist zal de leiding krijgen over een ongekende wereldmacht. Hij zal terreur, onderdrukking, wreedheid, oorlogen en ellende over de mensheid uitstorten. De hele aarde zal in zijn macht gegeven worden. Hij zal zijn eigen wetten aan de wereld opleggen.

De komst van dit ‘beest’ betekent voor de wereld een catastrofe zoals nooit eerder gezien is. Hij zal al zijn woede over de nog overgebleven mensen uitstorten. Hij zal zijn schrikbewind over de hele aarde uitoefenen. Johannes maakt duidelijk dat hij de aarde zal overspoelen met misdaden en goddeloosheid.  Uiteindelijk zal het ‘beest’ door de echte Verlosser worden overwonnen. Het is de laatste poging van de mens om buiten God om tot het Babel van vrede en welstand te komen.

Hij zal Israël voorspiegelen dat hun lang verwachte Messias is gekomen en de ‘naamchristenen ‘ zullen geloven dat Jezus is teruggekeerd in de gestalte van een geweldenaar. Het succes van deze list is ontstellend want velen zullen hem aanbidden en dat komt omdat de mens de liefde tot de waarheid niet aanvaard heeft. De opstandige mens moet oogsten wat hij gezaaid heeft. Daarom laat God de verschijning van de antichrist toe en slaat Hij de wereld met plagen. Jezus/Yeshua was de volmaakte mens. Maar de mensen hebben Hem verworpen, omdat zij de duisternis lief hadden boven het licht. (Joh. 3:19)

 

De antichrist zal bovendien een religieuze leider naast zich hebben, het tweede “beest”, de valse profeet Miljoenen zullen zich echter vastklampen aan deze fascinerende figuren. Beide assistenten van satan zullen zo ongelooflijk slecht zijn dat zij 'beesten' genoemd worden. Het zijn menselijke werktuigen die door satan gebruikt worden om de mensheid te tiranniseren. Een sinister driemanschap: satan en twee beesten, als tegenbeeld van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest (Echad).

 

Hierin is een machtssysteem te herkennen, het koninkrijk van satan, dat de grootheid maar tevens de woestheid en hardheid van alle grote wereldmachten uit de geschiedenis, in zich verenigt. Ook is de antichrist duidelijk te herkennen vanwege zijn grote woorden en godslasteringen die hij spreekt. Wat Johannes te zien heeft gekregen zal hem zeker bepaald hebben bij de ernst van alles wat over de wereld komt. Maar hij was in geestvervoering, in de gemeenschap met Zijn Heer en Heiland en zo kon hij ook aan het eind van Openbaring zeggen: “De genade van onze Heere Jezus Christus zij met u allen Amen.”

 

 

Franklin ter Horst