Uit het nieuws 07-01-2019

 

Door: Franklin ter Horst

Met dank aan het Bijbelstudieteam Jur van Calkar en Simonida Dijkhuis-Nijhof voor hun medewerking aan deze Bijbelstudie.

 

De openbaring van Johannes (deel 59)

 

Openbaring 18 (deel 1)

 

De val van Babylon

Openbaring 18:1-2-3 “Hierna zag ik een andere engel, die grote macht had, nederdalen uit de hemel, en de aarde werd door haar lichtglans verlicht. En hij riep met sterke stem, zeggende: Gevallen, gevallen is de grote stad (Babylon) en zij is geworden een woonplaats van duivelen, een schuilplaats van alle onreine geesten en een schuilplaats van alle onrein en verfoeid gevogelte, omdat van de wijn van haar hartstocht harer hoererij al de volken gedronken hebben en de kooplieden der aarde rijk geworden zijn uit de macht harer weelderigheid.”

In hoofdstuk 17 is uitvoerig gesproken over de relatie van de hoerenmadam met de koningen der aarde en de leiders van de wereld. In de eerste verzen van hoofdstuk 18 wordt aan het beeld van de grote hoer nog vastgehouden en wordt de ondergang van Babylon als het grote centrum van goddeloosheid beschreven. De ondergang van Babylon behoort tot de voleinding van Gods toorn over de antichrist en zijn helper de valse profeet en de verstokte en verharde goddeloze aardbewoners die het merkteken van het beest dragen en zijn beeld aanbidden.

Johannes ziet nu een andere engel neerdalen uit de hemel die zich onderscheidt van de vorige engelen. Dit beeld herinnert sterk aan Openbaring 10:1 waar eveneens een andere machtige engel neerdaalt uit de hemel, gehuld in een wolk, de regenboog boven zijn hoofd, zijn aangezicht als de zon, zijn benen als zuilen van vuur. Het beeld van deze andere engel doet aan Jezus/Yeshua denken maar in verborgen gedaante. De andere engel wordt immers beschreven als een wezen van grote macht of volmacht en buitengewone heerlijkheid, want zijn lichtglans verlicht de aarde. God oordeelt Babylon vlak vóór de wederkomst van Jezus/Yeshua, net zoals Hij het beest zal oordelen vlak na Zijn wederkomst, zoals we in Openbaring 19 zullen zien. Openbaring 12-10  En ik hoorde een luide stem in de hemel zeggen: Nu is verschenen het heil en de kracht en het koningschap van onze God en de macht (in het Grieks staat er exousia = auoriteit) van zijn Gezalfde; want de aanklager van onze broeders, die hen dag en nacht aanklaagde voor onze God, is nedergeworpen.

De proclamatie van de val van Babylon is een uiting van grote vreugde gezien het dubbele “gevallen, gevallen”. Ook Jesaja hanteert deze stijl van spreken:

Jesaja 21:9 “…zie, daar komt een troep mannen, een stoet ruiters, twee aan twee. Toen hief hij aan en zeide: gevallen, gevallen is Babel, en alle gesneden beelden van zijn goden heeft Hij ter aarde verbrijzeld.

Met de val van Babylon is het grootste en laatste bolwerk van de anti-goddelijke wereld verdwenen. De ‘koningen’ acteren nu nog met veel bravoure op het wereldtoneel maar dat is straks afgelopen. Wat ze nu nog vooruitgang noemen, leid in het licht van Gods Woord, tot totale verdorvenheid en ondergang. Het lijkt er allemaal nog niet zo op maar alles staat in het teken van totale verwording. En dat komt omdat de mens niet langer de ondergeschikte van God wil zijn. Deze val van Babylon duidt niet op een bepaald deel van de wereld maar beheerst de hele wereld, uitgezonderd de door God overschaduwde plaatsen als de tempel in Jeruzalem.

De derde tempel, als die er dan is, maakt deze de maat van de zonde vol als de antichrist daar zitting neemt. Die tempel staat niet onder de bescherming, maar zelfs onder de toorn van God.

Het einde van Babylon betekent het einde van het rijk van de mens zonder God. In deze periode zal geen enkele andere godsdienst erkend worden dan de afgoderij van de antichrist. Iedereen zal verplicht worden zich te buigen voor zijn beeld. Met enkele trekken wordt in Openbaring 18 de helse ontbering en het afgrijzen getekend die over de wereld van de goddelozen en afvalligen komen zal. De verlorenheid en rampzaligheid van de hele goddeloze wereld, die het grote Babylon tot levenscentrum had, wordt hier aangeduid.

Wie iets van de Bijbel weet, kan zien hoe de samenzweerders proberen Gods plan na te bootsen en op eigen wijze uit te voeren. Vele christenen zullen in de val lopen want het is een satanische opzet. Zoals God een plan heeft voor de redding van de wereld en de oprichting van het Koninkrijk Gods, zo heeft Satan een tegenplan om voordien de gehele aarde aan zich te onderwerpen in een satanisch rijk. De duivel is altijd bezig geweest om het herstelplan van God tegen te werken. God wil een vernieuwde hemel en aarde en Satan wil chaos. God mag niet slagen in het herstel van wat satan verknoeid heeft en hij doet dit op een sluwe manier. De duivel werkt alsof hij god is en wil een prachtige wereldeenheid van vrede en voorspoed stichten. Daar werken velen aan mee in talloze groeperingen die zelf misschien niet eens weten in wiens dienst zij staan.

Wat heeft God gezegd over machthebbers:

Psalm 146:3-4Vertrouwt niet op edelen, op een mensenkind, bij wie geen heil is; gaat zijn adem uit, dan keert hij weder tot zijn aarde, te dien dage vergaan zijn plannen.

De oplossing van onoplosbare kwesties wordt door geen enkele, hoe belangrijke aardse macht ook, gevonden. De volkeren moeten rekening houden met het feit, dat God de raad der volkeren verbreekt, en dat Hij de gedachten der natiën zal verijdelen. Gods Woord is schaars geworden en vervangen door bedrieglijke woorden, die als men zich er in verdiept van satanische opzet blijken te zijn. De mens die onveranderd op Gods Woord blijft vertrouwen en uitziet naar Jezus/Yeshua’s Wederkomst op aarde, zal straks door God bewaard worden in het uur der verzoeking.

Openbaring 3:10 “Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele aarde komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.”

Ondanks de waarschuwingen die de Bijbel geeft over de gebeurtenissen die de aarde in de nabije toekomst zullen overspoelen, zijn er toch maar relatief weinig mensen die deze waarschuwingen ook ter harte nemen. De economische elite, rijk geworden van haar waanzinnige hebzucht en hoerenloon, die zich verzadigd met mateloze luxe, weelde en hebzucht aanbidden de Mammon en verrijken zij zichzelf ten koste van ontelbare anderen. De Bijbel maakt duidelijk dat geldzucht de wortel van alle kwaad is.Het is de afgod, die in de Bijbel door Jezus/Yeshua de Mammon wordt genoemd. In Timótheüs staat:

 

1 Timótheüs 6:10 “Want de wortel van alle kwaad is de geldzucht.”

 

Matthéüs 6:24 “Niemand kan twee heren dienen, want hij zal òf de ene haten en de andere liefhebben, òf zich aan de ene hechten en de andere minachten; gij kunt niet God dienen èn Mammon.”

Het is een vorm van commercie die “over lijken gaat”.Ze rekenen niet met God en gebod, maar voldoen geheel aan de normloze manier van zakendoen. Zij hebben zich verkocht aan Babylon. Niet de rijkdom als zodanig wordt veroordeeld, maar de mate van weelde en luxe en de mate van economische macht die de grenzen van sociale gerechtigheid verre overschrijdt. Het gaat om een concentratie van niets ontziende economische macht en rijkdom. Zij dragen het stempel van de goddeloosheid van het grote Babylon, van Godverwerping en allerlei zonde.

Openbaring 18:4-5-6-7-8En ik hoorde een andere stem uit de hemel zeggen: Gaat uit van haar, mijn volk, opdat gij geen gemeenschap hebt aan haar zonden en niet ontvangt van haar plagen. Want haar zonden hebben zich opgehoopt tot aan de hemel en God heeft aan haar ongerechtigheid gedacht. Vergeldt haar, gelijk ook zij vergolden heeft, en geeft haar dubbel naar haar werken; mengt haar het dubbele in de beker, die zij gemengd heeft; geeft haar zoveel pijniging en rouw, als zij heerlijkheid en weelde genoten heeft. Want zij zegt in haar hart: Ik troon als koningin, ik ben geen weduwe en geen rouw zal ik zien. Daarom zullen haar plagen op één dag komen: dood en rouw en hongersnood, en zij zal met vuur verbrand worden; want sterk is de Here God, die haar geoordeeld heeft.”

 

De andere stem brengt een waarschuwende boodschap die in alle tijden al weerklonken heeft; het is de oproep om zich af te zonderen van het kwaad. Hier geldt het als een rechtstreekse oproep voor hen die zich verbonden hebben met de hoer of met haar dochters. Daarom klinkt waarschuwend en dringend: “Gaat uit van haar, Mijn volk”. Dit geldt niet alleen voor de gelovigen die zich verbonden hebben met de Wereldkerk, maar ook voor hen die zich door allerlei dwalende charismatische leiders  laten misleiden. Figuren die eveneens Gods Woord tot een lachwekkende aangelegenheid hebben gemaakt. De misleidingen binnen het christendom zijn gigantisch. Bekende ‘evangelisten’ zorgen ervoor dat de gezonde Bijbelse leer steeds meer wordt losgelaten en ingeruild voor boze geesten. Deze oproep is dus aan alle ware gelovigen gericht om zich af te zonderen van elk godsdienstig systeem dat door afgoderij en hoererij gekenmerkt wordt. ‘Gaat uit van haar, mijn volk’ lijkt ook op de smeekbede van de profeet Jeremia aan het adres van de Joodse ballingen in het oude Babylon: 

 

Jeremia 51:6-7-8 Vlucht uit Babel, laat ieder zijn leven redden; komt niet om in zijn ongerechtigheid, want dit is de tijd der wrake voor de Here, het verdiende loon betaalde Hij hen. Babel was in de hand des Heren een gouden beker die de gehele aarde dronken maakte; van zijn wijn dronken de volken, daardoor werden zij verdwaasd. Plotseling is Babel gevallen en gebroken, jammert om hem.

 

God waarschuwde de mensen in de tijd van Noach, voordat het water kwam:

 

Matthéüs 24:37 “Want zoals het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn.”

 

De generatie in de tijd van Noach kreeg 120 jaar om zich te bekeren.

 

Dit oordeel had afgewend kunnen worden, als de mensen zich bekeerd hadden. Noach is de enige die gehoor geeft, hij gelooft God op zijn Woord. God waarschuwde de inwoners van Sodom, voordat de verwoesting toesloeg. Lucas meldt:

 

Lucas 17:29-30Maar op de dag, waarop Lot uit Sodom ging, regende vuur en zwavel van de hemel en verdelgde hen allen. Op dezelfde wijze zal het gaan op de dag, waarop de Zoon des mensen geopenbaard wordt.”

De hele moraal in Sodom en Gomorra was in alle onderdelen door en door verdorven. In de beide steden was iedereen aangestoken door het verdorven denken en overgegeven aan schandelijke lusten. Lot en de mannen die bij hem waren hadden zich nog niet ter ruste gelegd:

Genesis 19:4 “… of de mannen der stad, de mannen van Sodom, omsingelden het huis, van jong tot oud, de gehele bevolking, niemand uitgezonderd”

Let op hoe deze tekst heel sterk benadrukt dat het hier niet om een enkeling ging maar om de hele bevolking. Hun gedrag was “mainstream” cultuur in Sodom en Gomorra. Als illustratie van de grote verdorvenheid wordt beschreven hoe de mannen van Sodom gemeenschap wilden met de twee mannen die te gast waren bij Lot:

Genesis 19:5 “…en zij riepen Lot toe en zeiden tot hem: Waar zijn de mannen, die vannacht bij u gekomen zijn? Breng hen bij ons buiten, opdat wij met hen gemeenschap hebben.”

Lot bood hen in plaats van de twee mannen, zijn twee dochters aan, maar dat werd afgewezen.

God waarschuwde ook de bewoners van Ninevé, voordat hen het oordeel trof. De oorzaak was natuurlijk anders dan die van Sodom en Gomorra. Hij waarschuwde de inwoners van Jeruzalem, voordat de stad door Nebukadnezar werd ingenomen. Precies zo zal de mentaliteit zijn in de laatste dagen voor de terugkomst van Jezus/Yeshua.

 

Zo vermaant God ook in deze tijd Babylon te verlaten voordat de grote stad verwoest zal worden. Het mag duidelijk zijn dat de ware gelovigen gemaand worden zich af te zonderen van deze Babylonische wereldcultuur, zich te bewaren van de afgodische smetten van deze wereld. De Bijbel maakt duidelijk geen gemeenschap met dit Babylon te hebben want haar dagen zijn geteld. Het is niet zo dat de geschiedenis van de mensheid hiermee eindigt. Wie de wil Gods doet vergaat niet met Babylon maar blijft in eeuwigheid. Met Babylon hoereren, betekent met Babylon te gronde gaan.

Babylon is een zondeberg. Daarom zullen haar plagen op één dag komen: dood en rouw en hongersnood en zij zal met vuur verbrand worden. .Babylon is schuldig aan de verleiding van de hele wereld. Zij ontvangt niet alleen het oordeel over eigen zonden, maar tevens dat zij de wereldbevolking heeft meegesleept in haar goddeloosheid. Er zijn talrijke verzen in Jesaja en vooral ook in Jeremia 50 en 51 die spreken over het oordeel van God dat het Babylon zal treffen. Babylon is de hoogste vorm van dwaze hoogmoed. Haar grootheidswaanzin wordt door God beantwoord dat op één moment haar ondergang komt. De beschrijving van de ondergang van Babylon komt in de vorm van rouwklachten, waarvan Babylon juist gezegd had dat deze haar nooit zouden treffen. Maar zij is tot stof geworden.

Openbaring 18: 9 t/m14En de koningen der aarde, die met haar gehoereerd hebben en weelderig geweest zijn, zullen over haar wenen en weeklagen, wanneer zij de rook van haar verbranding zien, van verre staande uit vrees voor haar pijniging, zeggende: Wee, wee, gij grote stad, Babylon, gij sterke stad, want in één uur is uw oordeel gekomen. En de kooplieden der aarde wenen en bedrijven rouw over haar, omdat niemand meer hun lading koopt, lading van goud, zilver, edelgesteente en paarlen, van fijn linnen, purper, zijde en scharlaken; allerlei welriekend hout, allerlei snijwerk van ivoor en allerlei voorwerpen van het kostbaarste hout, van koper, ijzer en marmer, kaneel, specerij, reukwerk, mirre, wierook, wijn, olie, bloem en tarwe, lastdieren, schapen; (lading) van paarden en wagens en van lichamen; en zielen van mensen. En het ooft, waarnaar uw ziel begerig was, is van u weggegaan en al wat kostelijk en schitterend was, is voor u verloren en het zal nooit meer gevonden worden.

Eindelijk is er gerechtigheid gekomen. De wereldleiders waanden zich heer en meester en meenden de macht voor altijd in handen te hebben. Ze hebben geen rekening willen houden met dé Macht die hun macht vele malen zal overtreffen. Zoals het oude Babylon gevallen is, zo zal ook het huidige goddeloze Babylon ten onder gaan.

 

 

Franklin ter Horst