Palestina creatie van Romeinse keizer Hadrianus

 

Door: Franklin ter Horst (Aangemaakt: 3 april 2004) (Laatste bewerking: 9 december 2016)

Na de verwoesting van Jeruzalem in het jaar 70 na Christus onder aanvoering van Titus, kwam het Joodse volk nog eenmaal in opstand tegen de Romeinse overheersers. Dat gebeurde onder leiding van Simon Bar Kochba. (Kosiba). De aanleiding van deze opstand was dat de Romeinse keizer Hadrianus in 132 na Christus allerlei wetten tegen het Joodse geloof uitvaardigde en tevens besloot op de ruines van het verwoeste Jeruzalem een nieuwe stad te bouwen met een heidense tempel voor de Romeinse god Jupiter op de plaats van de verwoeste Joodse Tempel. Hadrianus was Romeins keizer van 117 tot 138. De opstand van Bar Kochba vond plaats van 132 tot 136. Hij werd zelfs uitgeroepen tot Messias en de verwachting was dat hij Judea (IsraŽl) als natiestaat zou hervestigen. Hij zag zich kans Jeruzalem te veroveren en drie jaar stand te houden tegen de Romeinse overmacht. Delen van Judea werden onder hem voor korte tijd onafhankelijk totdat twaalf Romeinse legioenen met in totaal 50.000 soldaten Judea binnenvielen. Uiteindelijk brak de Joodse tegenstand toen de Romeinen Bar Kochba in de vesting Bethar omsingelden en een bloedig einde maakte aan zijn opstand.

Deze vesting viel door verraad waarbij Bar Kochba sneuvelde met duizenden van zijn volgelingen. In totaal verloren 580.000 Joden het leven bij deze strijd en daar kwamen nog bij, al degenen die omkwamen door honger en ziekte. Talloze anderen werden gedeporteerd of als slaven verkocht, Joodse religieuze en politieke leiders, waaronder Rabbi Akiva en zijn discipelen, werden geŽxecuteerd. Volgens Flavius Josephus woonden er zeven miljoen Joden in IsraŽl in het jaar 70 en volgens Dio Cassius (Grieks geschiedschrijver ca 155-235 n.Chr) minstens drie miljoen in 135 n.Chr.

Keizer Hadrianus. Afbeelding Wikipedia.

Keizer Hadrianus voerde zijn plannen uit in de overtuiging de Joodse hoop op herstel van eigen staat en tempel, voor altijd uitgeroeid te hebben. Een nieuwe stad, genaamd, Aelia Capitolina werd gebouwd op de as van Jeruzalem en bevolkt door vreemdelingen. Men verbood de Joden op straffe van de dood de stad te betreden of zelfs maar dichterbij te komen. Tenslotte werd het land IsraŽl of Judea, veranderd in Syria-Palaestina, genoemd naar de Filistijnen, de vroegere erfvijand van IsraŽl, om de Joodse connectie met het Beloofde Land volledig uit te wissen. Hadrianus leidde de naam af van de Latijnse naam Philistia later verbasterd in Palistina of Palestine. Het ging hier trouwens niet om de naam van een land maar om een geografische naam. Het woord Palestina is zelfs geen Arabisch woord.

Alles wat herinnerde aan het Joodse volk, werd uitgewist. In deze late Romeinse periode verbleef het Tiende Legioen in Jeruzalem. De meerderheid van de bewoners van Jeruzalem bestond toen uit Romeinse veteranen en hun familieleden.

De naam Palestina raakte al snel in de vergetelheid. Zowel onder de Arabieren, die in de 8ste eeuw IsraŽls aloude thuisland in bezit namen, als onder de kruisvaarders, werd Judea het Heilige Land genoemd. Zelfs de Ottomaanse Turken die van 1517 tot 1917 grote delen van het Midden-Oosten onder beheer hadden, bleven de landstreek het Heilige land noemen. Na de resoluties van San Remo en de Volkerenbond werd het mandaat over het gebied aan de Britten overgedragen,maar diebesloten vervolgens volledig in strijd met de gemaakte afspraken de oude vloek van keizer Hadrianus te herintroduceren door het land IsraŽl weer Palestina te noemen. Tot op de dag van vandaag geldt dat het woord Palestina door de wereldleiders wordt gebruikt om de Joodse staat te demoniseren.

Het Britse Mandaatgebied Palestina werd bewoond door Joden, Arabieren, Druzen, BedoeÔenen enz. die zonder uitzondering allemaal Palestijnen werden genoemd. De Arabieren in dit gebied, noemden zichzelf ĎZuid-SyriŽrsí. Het woord ĎPalestinaí werd door hen als een ĎJoodse uitvindingí aangemerkt. De huidige Jeruzalem Post werd van 1932 tot 1948 de ĎPalestine Postí genoemd. Deze krant is op 1 december 1932 opgericht door de OekraÔense journalist Gershon Agron (1894-1959), die in 1899 naar Amerika was geŽmigreerd en in 1924 naar Ereth IsraŽl trok om mee te helpen met de opbouw van het Nationaal Joodse tehuis.

palestine3Volgens artikel 80 is de VN gehouden aan documenten die indertijd door de Volkerenbond zijn aangenomen. De San Remo resolutie en het Het mandaat van 1922 van de Volkerenbond, geven IsraŽl het recht om op de historische grond een nationaal vaderland voor het Joodse volk op te richten, inclusief Samaria, Judea en Jeruzalem. Maar dat weet bijna niemand, dat hoort bij het grote vergeten.

Na de oorlog van 1948 kreeg JordaniŽ de heerschappij over Samaria en Judea, en Egypte over Gaza. Deze bezettingen zijn nooit internationaal erkend, omwille van het eenvoudige feit dat deze twee landen gebieden bezet hielden die volgens internationale overeenkomsten, internationale besluiten en het internationale recht, behoorden tot het Joods nationaal Tehuis.

Het idee dat Samaria en Judea, in de volksmond de Westbank genoemd, bezet Palestijns land zijn en dat de Palestijnen vechten voor de bevrijding van hun land op de IsraŽlische bezetter, is ťťn van de grootste leugens in de menselijke geschiedenis. Er bestaat geen enkel boek dat de geschiedenis behandelt van een Palestijns volk of een andere weergave van een bestaande Palestijnse cultuur. Noch verslagen van reizigers, of het nu christenen, moslims of Joden waren, vermeldden enige verdienste van blijvende aard met betrekking tot Arabische historische relatie tot het aloude Bijbelse land. Voor de Arabieren als geheel is er nooit een begrip als ĎPalestinaí geweest. íPalestinaí wordt eenmaal in de Koran genoemd als het ďHeilige LandĒ- dat wil zeggen, heilig voor Joden en christenen. De geschiedenis meldt niets over een Palestijnse president of koning voordat de voormalige terreurbaas Jasser Arafat ten tonele verscheen.

Tijdens de eerste Arabische topconferentie in AlexandriŽ in 1964- toen de Bijbelse gebieden Samaria en Judea nog onder Jordaanse bezetting vielen- werd besloten tot de oprichting van de PLO (Palestinian Liberation Organization) die financieel gesteund zou worden door de Arabische Liga en de Sovjet Unie. In dat jaar duikt ook voor het eerst de term Ďhet Palestijnse volkí op.

Het waren de Russen die de term het ĎPalestijns volkí verzonnen. Dat maakte onderdeel uit van het Kremlin om het antisemitisme in de Arabische moslimwereld en in het Westen aan te wakkeren door Zionistische complottheorieŽn te verspreiden. Om dat plan verder te verwezenlijken had de voormalige Russische geheime dienst de KGB al in het begin van de jaren 60 hun oog laten vallen op de Egyptenaar Jasser Arafat (Abd al Rachman abd al-Rauf Arafat al-Koed Al Hoesseini) om hem voor te bereiden als de toekomstige leider van de PLO. Hij werd vervolgens getraind voor een carriŤre als terrorist op haar speciale school Balashikha, ten oosten van Moskou. Ook zijn maatje Mahmoud Abbas (Abu Mazen) de huidige Palestijnse Ďpresidentí was daarbij aanwezig. De KGB vernietigde alle officiŽle rapporten van Arafats geboorte in CaÔro (ook het feit dat hij niet als moslim bekend stond) en verving ze door vervalste documenten waarin stond dat hij geboren was in Jeruzalem, daardoor een ĎPalestijní van geboorte en een goed gelovig moslim. Het feit dat hij bij herhaling fanatieke verklaringen afgaf dat hij als martelaar voor Allah wilde sterven, hoorde bij de propaganda. Ook leerden ze hem propaganda tactieken te ontwikkelen die het hem mogelijk maakten het beeld te creŽren van een ontworteld volk dat onderdrukt werd door een koloniale macht.

Dankzij de inbreng van de voormalige Roemeense dictator Nicolae Ceaucescu, de Noordvietnamese generaal Giap en een groep Algerijnen, ontwikkelde Arafat het beeld van Ďillegale bezetting en Palestijnse nationale zelfbeschikkingí waarmee hij later zoveel succes zou oogsten in het Westen. In slechts enkele jaren tijd werd het Midden-Oosten conflict met IsraŽl radicaal herschreven. Zoals de Noord Vietnamese communisten succes hadden met hun Ďbevrijdingsstrijdí tegen de Amerikanen, zo boekten de Russen met Arafat op dezelfde manier succes tegen wat men de ĎIsraŽlische bezettersí noemt. IsraŽl was plotseling een koloniale macht in het Midden-Oosten die de verarmde, ongewapende, hulpeloze, ongelukkige en hopeloze Palestijnen onderdrukte en die daardoor het volste recht hadden de Ďbezettersí met alle beschikbare middelen te bestrijden. Nadat ze Arafat hadden omgeturnd tot een fanatieke antizionist werd hij een belangrijke undercoveragent voor de KGB. Om zelf uit beeld te blijven gaf Moskou vlak na de zesdaagse oorlog in 1967 de Egyptische president Nasser (een Sovjet marionet) de opdracht Arafat tot voorzitter van de PLO, de Palestijnse terreurorganisatie te benoemen. De 432 leden van de eerste Palestijnse regering, waren door de KGB uitgekozen marionetten.

In het midden van de jaren 1970, richten het Sovjetblok en de Arabisch/islamitische wereld samen een pro-PLO lobby op binnen de Verenigde Naties. De bonte verzameling van Arabische dictaturen, Derde Wereld autocratieŽn en de autoritaire regimes van het Sovjetblok, namen resoluties aan waarin IsraŽl werd aangevallen en de PLO werd ondersteund. Op 14 oktober 1974 nodigde de Algemene Vergadering van de VN met Resolutie 3210 XXIX de PLO uit in de VN als zijnde de wettige vertegenwoordiger van het ĎPalestijnseí volk. Nauwelijks een maand later, 13 november 1974, sprak PLO-leider Yasser Arafat de Verenigde Naties toe. Hij droeg tijdens zijn toespraak in de VN een olijftak (om het theater te completeren).

Arafat bij de Verenigde Naties.

Een jaar later beloonde de UNGA (Algemene Vergadering van de Verenigde Naties) de PLO met de status van permanente vertegenwoordiger in de VN. Datzelfde jaar, 10 november 1975, en op verzoek van het Arabische moslimblok en het Sovjetblok, nam de UNGA Resolutie 3379 aan waarin het Zionisme werd beschouwd als een vorm van racisme. De Amerikaanse afgevaardigde aan de VN Daniel Patrick Moynihan noemde de resolutie een ďobscene daadĒ terwijl de toenmalige IsraŽlische afgevaardigde, Chaim Herzog, zijn collega-afgevaardigden berispte en hen vertelde dat de resolutie gebaseerd was op haat, leugens en onwetendheid. ďHitler,Ē zo verklaarde hij ďzou zich hier thuis gevoeld hebben als hij geluisterd had naar de debatten in de VN over deze maatregelĒ.

Om de haat tegen IsraŽl nog verder aan te wakkeren verspreidden de Sovjets honderdduizenden exemplaren van het antisemitische propagandawerkje 'De Protocollen van de Oudsten van Sion'. Ze zorgden ervoor dat dit smerige en leugenachtige antisemitische geschrift aller tijden, een Arabische bestseller werd en door heel de Moslimwereld werd verspreid, vanwaar het werd meegenomen naar het Westen, waar inmiddels steeds meer mensen in deze misleidende leugens zijn gaan geloven. In de hele Arabische wereld is sindsdien een stroom aan antisemitische artikelen en cartoons op gang gekomen.

In de documentaire 'Disinformation: The Secret Strategy to Destroy the West' onthult Ion Mihai Pacepa, voormalig hoofd van de Roemeense militaire inlichtingendienst hoe de onbenullige Amerikaanse president Jimmy Carter destijds in de misleiding van de KGB is getrapt, door aartsterrorist Jasser Arafat als serieuze gesprekspartner voor vrede met IsraŽl te accepteren. Toen Sovjetleider Leonid Brezhnev en KGB directeur Yuri Andropov hun pion Arafat naar voren schoven als 'vredesduif', riepen ze de hulp in van Amerika's favoriete tiran, de voormalige Roemeense dictator Nicolae Ceaucescu. Hij werd naar Washington gestuurd om president Jimmy Carter ervan te overtuigen dat Arafat een betrouwbare gesprekspartner was. Carter bekend geworden als ťťn van de slechtste Amerikaanse presidenten ooit, hapte vervolgens in het lokaas. 'Ceaucescu overtuigde Carter dat hij Arafat zou kunnen overhalen om de PLO van een terreurorganisatie in een gezagsgetrouwe regering in ballingschap te veranderen.Ē

Nicolai Ceaucescu en Jimmy Carter

De Russische desinformatiecampagne slaagde omdat de zogenaamde 'onafhankelijke' Westerse pers de doelbewust gecreŽerde leugens accepteerde en aan het publiek als de waarheid presenteerde. Klik hier hoe IsraŽl daar het slachtoffer van is geworden. Door de aanhoudende infiltratie werd de Westerse media stap voor stap overgenomen door 'links' en 'progressief', waardoor de Westerse samenleving en cultuur steeds kwetsbaarder werden door de Sovjets bedachte ondermijnende ideeŽn, principes en doelstellingen. Men hoeft daarom in de media en op internet niet lang te zoeken naar leugens en de meest smerige beschuldigingen over IsraŽl en het Joodse volk en niet vergeten de Verenigde Naties.

In de media en resoluties van de VN is immer sprake van ďPalestinaĒ "bezet Palestijnse gebiedĒ de ďWestbankĒ en ďillegale settlement activiteit". Maar de termen "Palestina," "bezetting," "West Bank," en settlements" zijn niets anders dan pure misleiding. Er bestaat geen Palestina! Er is geen sprake van bezetting! Er bestaat geen Westbank! Er bestaan geen settlements! Het is IsraŽls hartland, al ruim drieduizend jaar!

Terug naar: Inhoud