Jimmy Carter anti-IsraŽl activist

Door: Franklin ter Horst. (Aangemaakt: 8 december 2006) (Laatste bewerking: 3 februari 2017)

Begin augustus 2014 heeft Jimmy Carter zijn aloude haat tegen IsraŽl weer de vrije loop gelaten door de VS en de EU op te roepen om Hamas, dat openlijk de Joodse staat en de Joden zelf wil vernietigen, zowel politiek als militair te erkennen. Daarbij bezigt Carter de ronduit schandalige leugen dat IsraŽl doelbewust Palestijnse burgers heeft aangevallen, en negeert hij dat het juist Hamas (onrecht) is dat zijn eigen volksgenoten als menselijke schilden heeft ingezet. ĎHamas kan niet weggewenst worden, noch zal het meewerken aan zijn eigen ondergang,í redeneert Carter. Alleen door de terreurbeweging te erkennen als politieke kracht die een groot deel van het Palestijnse volk vertegenwoordigt, Ďkan het Westen Hamas de juiste prikkelingen geven om zijn wapens neer te leggen.íCarter beschuldigt IsraŽl van oorlogsmisdaden door Ďdoelbewust burgers aan te vallení. Er is in zijn ogen geen enkele rechtvaardiging voor de vernietiging van duizenden huizen, scholen en ziekenhuizen in Gaza, waardoor meer dan 250.000 Palestijnen moesten vluchten. Ook werd een groot deel afgesneden van water en elektriciteit. ĎDit is een humanitaire catastrofe.í

Carter zegt weliswaar dat Hamas Ďhetzelfdeí doet door raketten op IsraŽlische burgers af te schieten, maar vindt dat er vergeleken bij het aantal Palestijnse slachtoffers bij lange na niet genoeg IsraŽliŽrs en Joden zijn omgekomen om de IsraŽlische militaire reacties te rechtvaardigen. ĎEr zijn 3 IsraŽlische burgers gedood door Palestijnse raketten, terwijl de overweldigende meerderheid van de 1600 Palestijnse doden burgers zijn, inclusief meer dan 330 kinderen.íDat er sterke aanwijzingen zijn dat deze aantallen doelbewust zijn opgeblazen door Hamas Ėiets wat in het verleden bij ieder conflict blijkt te zijn gebeurd-, en dat Hamas openlijke instructies heeft gegeven om gedode terroristen als Ďburgerslachtoffersí op te geven, is voor Carter kennelijk van geen enkel belang.Sterker nog, hij wil dat IsraŽl gerechtelijk vervolgd wordt voor het zich verdedigen tegen de duizenden raketten die de Palestijnse terreurgroepen op de Joodse staat hebben afgeschoten. Tevens spreekt hij zijn onomwonden steun uit voor de Palestijnse eenheidsregering met Hamas, dat hij Ďťťn van de meest bemoedigende ontwikkelingen van de laatste jarení noemt.

Tenslotte eist Carter dat de VN Veiligheidsraad ingrijpt om een Ďeinde te maken aan de belegeringí van de Gazastrook. Egypte, dat zijn grens met Gaza potdicht houdt, wordt niet genoemd. IsraŽl, dat al jarenlang wekelijks hele colonnes vrachtwagens vol voedsel, medicijnen en andere materialen naar Gaza stuurt, wordt opnieuw ten onrechte beschuldigd.Aan de grenzen met Gaza moeten in zijn ogen waarnemers komen om onder andere schendingen van het bestand te rapporteren. Al in 2005 werd deze taak door EU-waarnemers verricht, maar toen Hamas in 2007 de Gazastrook overnam, moesten die daarmee stoppen. Vervolgens konden de Palestijnen vrijwel ongehinderd enorme hoeveelheden wapens en raketten naar binnen smokkelen.

In mei 2010 stuurde Carter een opmerkelijke brief naar de Jewish Telegraphic Agency, een belangrijk Joods persagentschap in Amerika, waarin hij zijn verontschuldigingen aanbood voor zijn Ďjarenlange overdreven kritiek op de Joodse staat.í Hij bleek plotseling spijt te hebben van zijn vijandschap tegen IsraŽl. ď IsraŽls bestaan vindt onder de moeilijkst denkbare omstandigheden plaats en dat moeten wij niet vergeten. Ook al streven wij naar een positieve oplossing in IsraŽls relatie tot de Arabische wereld, wij kunnen ons niet permitteren kritiek te uiten of IsraŽl te stigmatiseren. Ik excuseer mij dan ook voor alle woorden en daden die ik als zodanig gedaan hebĒ.

De verontschuldigingen van de pindaboer bleken slechts van tijdelijke aard want hij komt als vanouds weer met uitspraken die volledig van alle realiteit zijn ontdaan. Zo noemt hij IsraŽl een apartheidsstaat. Maar IsraŽl is geen apartheidsstaat zoals onder meer overduidelijk blijkt uit deze deze video. Figuren die IsraŽl beschuldigen van ďapartheidĒ, zijn niets anders dan leugenaars en ordinaire Jodenhaters. Carterís sympathieŽn liggen bij de vijanden van IsraŽl en van de Joden. In IsraŽl is meer dan 20% van de bevolking Arabiere die alle burgerrechten bezitten. Het zijn de enige Arabieren van het Midden-Oosten die in vrije, gelijke en democratische verkiezingen hun politieke vertegenwoordigers kunnen kiezen. Het is de IsraŽlische politiek die het land rijk en vruchtbaar gemaakt heeft, bovendien democratisch en Verlicht, met gelijke rechten voor mannen en vrouwen, om het even van welke religie en seksuele oriŽntering. IsraŽl is een zegen voor het Midden-Oosten.

Het maakt niet uit om welke terreurbewegingen het ook gaat, of landen die streven naar de vernietiging van IsraŽl of zelfs willekeurige nazi-oorlogsmisdadigers, ze mogen zich verheugen op gepassioneerde sympathie van Carter. Enige empathie voor IsraŽl is er niet bij. 1987 richtte hij een verzoek aan het Amerikaanse ministerie van Justitie om te bemiddelen ten gunste van de voormalige nazi kampbewaker Martin Bartesch om Ďhumanitaire redenení. Bartesch verloor zijn Amerikaanse staatsburgerschap en moest worden gedeporteerd, nadat informatie was opgedoken dat hij een Joodse gevangene in het concentratiekamp Mauthausen had vermoord.Ē

Carter maakt deel uit van een groep die bekend staat als ĒThe EldersĒ opgericht door Nelson Mandela. Dat is een groep ďvan zogenaamde wijze ouderenĒ waartoe ook Desmond Tutu, Kofi Annan en Mary Robinson behoren. Mary Robinson was de eerste vrouwelijke president van Ierland. Zij nam ontslag om Hoge Commissionaris voor de Mensenrechten te worden. In die functie liet zij geen gelegenheid voorbij gaan om IsraŽl te demoniseren. De ďEldersĒ zijn onder meer pro-abortus en pro-depopulatie. Het is wrang en bizar dat Jimmy Carter daadwerkelijk lijkt te denken dat de Joden en IsraŽli's ook maar ťťn suggestie van een groep zullen aannemen die de naam 'De Oudsten' draagt.

De Elders

Carter vormt met The Elders een team dat zich bezig houdt met het conflict tussen IsraŽl en de Arabieren. Zowel Tutu, Annan en Robinson zijn notoire IsraŽl-haters, en worden bij hun bezoeken aan de gebieden die onder controle van de ďBende van RamallahĒ staan, als helden ontvangen. Ze bemoeien zich continu met IsraŽls interne aangelegenheden. IsraŽl herinnert zich Mary Robinson nog als de dag van gisteren toen zij in 2002 IsraŽl beschuldigde van oorlogsmisdaden toen zij aan het hoofd stond van een bijzondere onderzoekscommissie (fact finding mission) van de Verenigde Naties om de niet bestaande massaslachting van Jenin te onderzoeken. Het onderzoek leverde echter niets op, want men kon geen enkel bewijs vinden van door IsraŽl gepleegde massaslachtingen.

Carter had tijdens zijn bezoek aan het Midden-Oosten in oktober 2010, samen met Mary Robinson, een gesprek met leden van de terreurbeweging Hamas. Hij zei dat Hamas bij de Ďvredesonderhandelingení tussen IsraŽl en het PLO-bewind betrokken moet worden terwijl deze organisatie IsraŽl blijft bestoken met raketten, openlijk blijft oproepen tot het vermoorden van IsraŽlische burgers en andere terreuraanslagen. Carter: ďDe leiders van Hamas willen vrede en verzoening, niet alleen met hun broeders van de Fatah beweging, maar eventueel ook met IsraŽl om samen zij aan zij, in twee soevereine staten te leven.Ē Hij riep Abu Mazen en consorten op zich met Hamas te verzoenen en samen Judea, Samaria en Gaza te besturen. De onderlinge strijd tussen de verschillende PLO-groepen maken mij ďdroevigĒ aldus Carter. Hij was op 19 oktober 2010 samen met Robinson ook in Damaskus voor een bezoek aan Khaled Meshaal ťťn van de meest beruchte terreurleiders van Hamas. Tijdens een persconferentie later in Jeruzalem zei hij dat Hamas bereid is het recht van IsraŽl te aanvaarden om Ďals naaste buur in vrede te levení. De IsraŽlische ambassadeur bij de VN Dan Gillerman noemde Carter een kwezel. Hamasaanhanger Achmed Atuwan uit Jabaljia in de Gazatrook, reageerde in een telefoongesprek met Israel Today: ĎDe wereld is naÔef en gelooft alles wat we zeggen.íHij sloot het gesprek af met: ĎIsraŽl houdt zich aan internationale regels, wij houden ons aan het gebod van Allah om alle ongelovigen (niet moslims) te vernietigen!í

Hier wordt de terrorist Meshaal hartelijk omhelsd door zijn vriend Jimmy Carter met Mary Robinson rechts.

Carter zei er bij president Barack Hoessein Obama op te hebben aangedrongen Hamas, van de lijst van verboden terreurorganisaties te halen. Terwijl de humanitaire situatie in Gaza beter is dan in vele andere landen in het Midden-Oosten en Afrika, noemt Carter Gaza een 'ommuurd gettoí waar 1,6 miljoen Arabieren onder zeer moeilijke omstandigheden leven. Bovendien zijn er in Gaza meer hulporganisaties werkzaam dan in tien Afrikaanse probleemlanden samen. In 2008 beweerde hij dat de inwoners van Gaza werden uitgehongerd tot de dood en in 2009 zei hij dat ze letterlijk sterven van de honger.

Opnieuw gebruikte Carter beledigende woorden richting IsraŽl terwijl hij Hamas benaderde als een stelletje vrijheidslievende burgers. Geen wonder dat Hamas Jimmy Carter bij herhaling bedankt voor zijn steun en uitspraken. Er is bij deze bemoeizieke ex-president opnieuw geen enkele objectiviteit te ontdekken. Sinds de IsraŽlische militaire operatie in 2009 geloven Carter en een groot deel van de internationale gemeenschap nog steeds in de leugen dat er in Gaza een tekort is aan van alles. Terwijl de winkels in Gaza uitpuilen van allerlei goederen en IsraŽl al sinds januari 2009 een permanente humanitaire corridor openhoudt van aan bederf onderhevige levensmiddelen zoals fruit, groenten, kaas, kruiden, brood en vlees die in overvloed op de lokale markten te vinden zijn, sprak Carter van ďeen van de meest rampzalige schendingen van de humanitaire rechten op aardeĒ. ďHet leven van de bevolking in Gaza lijkt meer op dat van dieren dan op dat van menselijke wezensĒaldus Carter. Hij riep IsraŽl op onmiddellijk de grenzen van Gaza te openen voor alle import, export en voor menselijk verkeer en Hamas alle vrijheid te geven voor gebruik van de internationale wateren. IsraŽlische militaire experts hebben gewaarschuwd de maritieme blokkade niet op te heffen omdat een dergelijke handeling zal leiden tot een enorme toevoer van wapens waaronder raketten, over zee naar Gaza. Hamas heeft Carter en de zijnen weer vakkundig langs de ruÔnes geloodst en langs de voor deze gelegenheid opgezette tentjes met zogenaamde hongerende vrouwen en kinderen.

In een interview in het programma "The Early Show" van de zender CBS', zei Carter dat het tijd wordt dat Israel de bouwactiviteiten in de ĎPalestijnse gebiedení (Eretz IsraŽl) opgeeft. ĎZolang IsraŽl huizen blijft bouwen in ĎPalestinaí tegen de wil van het Palestijnse volk, wordt het erg moeilijk voor de Palestijnen en de Arabische wereld om tot vrede te komen zoals de Verenigde Staten verlangení aldus Carter. Hij roemde Hillary Rodham Clinton, voor haar inspanningen om tot vrede te komen in het Midden-Oosten en noemde haareen briljante onderhandelaar: ĎZij is hardnekkig, competent, slim en goedingelicht, intelligent, zeer besluitvaardig en succesvol. Dat zijn heel wat positieve kwalificatiesvoor de vrouw die in 1999 nog bekend stond als een van de meest corrupte personen in Amerika. Aantoonbare feiten vertellen wie zij werkelijk is, hoe ze bereid is te liegen, te tiranniseren te frauderen en te manipuleren in haar zucht naar macht. Het is verbazingwekkend hoe snel historische feiten worden vergeten en meningen veranderd.

Het was David Rockefeller die besloot de volslagen onbekende pindaboer Jimmy Carter naar voren te schuiven voor het Amerikaanse presidentschap in 1976. Het was nog een hele toer om Carter gekozen te krijgen, want nadat de populaire Democratische senator Edward Kennedy zich terugtrok als kandidaat, verscheen er een lijst van 35 prominente personen die de Democraten goed genoeg achtten om in 1976 kandidaat voor het presidentsschap te worden. Carter stond niet op die lijst. Toch werd de man die niemand kende gekozen tot Democratische presidentskandidaat, en vervolgens met een minimale overwinning (50,8%) gekozen tot president van de VS.  Carter diende als beloning zich bereid te verklaren zijn kabinetsleden te kiezen uit de kring van de Trilaterale Commissie.(voor meer informatie over deze organisatie, zie het artikel over de Nieuwe Wereldorde). Carter was president van 1977-1981 en verscheen op het wereldpodium met meer dan 20 TCíers. Tijdens zijn campagne voor het presidentschap zei hij: ďWe moeten de machtsbalanspolitiek vervangen door een wereldorde-politiek.í

Jimmy Carter

De enige werkelijke verdienste van formaat van Jimmy Carter dateert van 1978 toen hij als president en bemiddelaar in het Midden-Oosten de Egyptische president Anwar Sadat en de IsraŽlische premier Menachem Begin wist te overtuigen tot het sluiten van een vredesverdrag. Op 17 september 1978 tekenden IsraŽl en Egypte het Camp David-akkoord en erkende Egypte als eerste Arabisch en moslimland het bestaansrecht van IsraŽl. Sadats daad werd hem door de andere Arabische landen niet in dank afgenomen; Egypte werd uit de Arabische Liga verstoten en Sadat moest de erkenning van IsraŽl in 1981 bekopen met zijn leven. Onder zijn leiding werd de gedachte ontwikkeld, dat de PLO Ďrecht had op een eigenthuislandí en dat dit moest komen te liggen in het meer dan 3000 jaar oude thuisland van de kinderen van IsraŽl, de Bijbelse gebieden Samaria en Judea. Hij was de belangrijkste sponsor van de Camp David akkoorden in 1978 en heeft er nooit een geheim van gemaakt aan de kant van de voormalige aartsterrorist Jasser Arafat te staan.

Verder is Carter de geschiedenis ingegaan als een 'politieke idioot' en slechste Amerikaanse president ooit. Zo nam Carter een aantal 'anti-imperium' beslissingen, zoals het verlaten van de Stewart eilandengroep, in de Tweede Wereldoorlog veroverd op Japan. Het eiland Kiribati werd vervolgens onmiddellijk geclaimd door China. Ook werd het Panama-kanaal in 1979 overgegeven aan Panama, waarna wederom China Amerika's plaats overnam, en een onderzeebootbasis in zowel Panama als Cuba bouwde. Dankzij Jimmy Carter heeft China nu de mogelijkheid om vanaf onderzeeŽrs in de regio vrijwel iedere stad in de Verenigde Staten binnen enkele minuten te verwoesten.

Carter stond ook aan de basis van de verdrijving van sjah Reza Pahlavi, de leider van PerziŽ. Pahlavi vertrouwde Carter aanvankelijk maar deze liet hem vallen en koos de kant van de Iraanse oppositie. Carter noemde ooit in een vlaag van verstandsverbijstering de Iraanse Ayatollah Khomeini, een Ďheilig maní! Maar Khomeini zond Iraanse kinderen -sommigen niet ouder dan 12 jaar -naar het front in de oorlog met Irak, waar tienduizenden van hen stierven als gedwongen martelaar met Ďeen sleutel voor het paradijs om hun nekí. De kinderen marcheerden in formatie de mijnenvelden in om zo met hun lichamen een doorgang te maken voor de militaire voertuigen. Hun lichamen werden uiteen gerukt en het slagveld lag bezaaid metkledingstukken,verbrand vlees en botten. Deze kinderen vormden de basis van de Basiji partij, een massabeweging gecreŽerd door Khomeini in 1979.

 

Ook de voormalige militaire dictator van Pakistan Zia ul Haq die tussen 1977 en 1988 het land omvormde tot een puur islamitisch land, mocht zich verheugen in de steun van Carter. Hij kreeg van Carter in 1980 miljardenhulp. De Pakistaanse dictator pompte deze miljardenhulp in het islamiseringsproces en creŽerde daarmee het extremisme waar Pakistan vandaag onder te lijden heeft.

 

Carter verraadde de pro-Amerikaanse president van Nicaragua, Anastasio Somoza, door de communistische Sandinisten-rebellen te steunen. De militaire dictator Somoza vluchtte vervolgens naar Paraguay, waar hij het anti-Carter boek 'Nicaragua Verraden' schreef. Dit boek ondermijnde Carters presidentsschap en deed steeds meer Amerikanen zich afvragen, waarom Carter voortdurend partij leek te kiezen voor de vijanden van de Verenigde Staten. Carters criticus Somoza, die net in de VS zijn boek gepromoot had, werd vervolgens in Paraguay vermoord. Argentijnse rebellen kregen hiervan de schuld, maar er werd gefluisterd dat Somoza uit de weg was geruimd vanwege diens kritiek op Carter en het dubieuze CFR-beleid in Centraal Amerika.

Ion Pacepa, ťťn van de hoogste voormalige Oostblokofficials die ooit naar het Westen overliep, onthult in dedocumentaire 'Disinformation: The Secret Strategy tot Destroy the West' hoe Carter destijds in de misleiding van de KGB is getrapt door de schurk Yasser Arafat - die net als zijn opvolger Abu Mazen (Mahmoud Abbas) door de KGB werd opgeleid- als serieuze gesprekspartner voor vrede met IsraŽl te accepteren. Arafat en Mazen werden doelbewust door de KGB uitgekozen, getraind en gefinancierd om de PLO te leiden en de Sovjetbelangen in het Midden Oosten te dienen, die een grote terugslag hadden gekregen na de nederlaag die Egypte en SyriŽ leden tijdens de Zesdaagse Oorlog tegen IsraŽl in 1967. Toen Sovjetleider Leonid Brezhnev en KGB directeur Yuri Andropov hun pion Arafat naar voren schoven als 'vredesduif', riepen ze de hulp in van Amerika's favoriete tiran, de Roemeense dictator Nicolae Ceaucescu. Hij werd naar Washington gestuurd om president Jimmy Carter ervan te overtuigen dat Arafat een betrouwbare gesprekspartner was. Pacepa herinnert zich dat Brezhnev en Andropov ervan overtuigd waren dat Carter in het lokaas zou bijten, wat Carter inderdaad deed. 'Ceaucescu overtuigde Carter dat hij Arafat zou kunnen overhalen om de PLO van een terreurorganisatie in een gezagsgetrouwe regering in ballingschap te veranderen,' aldus Pacepa. Carter ontving de Roemeense dictator met de woorden 'een grote leider van een groot land'. Eťn maand eerder had Pacepa Arafat naar Boekarest gehaald en hem geÔnstrueerd om tegenover Carter 'gewoon te blijven doen alsof je met het terrorisme zal breken en IsraŽl zal erkennen - keer op keer weer.'

De onbenullige Carter had in 1978 Ceaucescu geprezen vanwege zijn 'sterke betrokkenheid en onafhankelijkheid... waardoor RoemeniŽ als een brug tussen landen met totaal verschillende standpunten en belangen, en leiders die het moeilijk vinden om direct met elkaar te onderhandelen, kon dienen.' Carter verklaarde dat hij Ceaucescu's streven naar 'het verbeteren van de mensenrechten en de vrijheid van ons eigen volk' deelde.Toen de Roemeense dictator in 1989 werd afgezet en geŽxecuteerd, was zijn erfenis juist een door zijn megalomane totalitaire heerschappij totaal verarmd en leeggeroofd land, waar het volk zwaar werd onderdrukt, mede omdat 1 op iedere 20 Roemenen een informant van de regering was. Terwijl de Ceaucescu's baadden in weelde, had de gewone Roemeen gebrek aan alles en stierven er velen omdat er niet voldoende voedsel, medicijnen en verwarming beschikbaar was.

Toen Carter de voor IsraŽl rampzalige Oslo-akkoorden wist te forceren ging het snel bergafwaarts met zijn macht.Carters desastreuze economische beleid bracht de VS bijna op de knieŽn. Ook kwam hij in de uiterst vernederende crisis in Iran terecht. Onder druk van Carter gaf de ernstig zieke Iraanse Shah Muhammed Pahlavi (de Shah van PerziŽ) in 1979 de macht over aan de anti-Amerikaanse Shi'itische moslim Ayatollah Khomeini. De Shah moest vluchten en stierf in juli 1980, in Cairo, Egypte.Op 4 november 1979 bestormden Iraanse studenten, mede onder leiding van de huidige Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad, de Amerikaanse ambassade in Teheran, omdat zij vonden dat de Iraanse zakenman Hossein Alikhani ten onrechte 105 dagen in een Amerikaanse gevangenis had moeten doorbrengen wegens schending van de Amerikaanse sancties tegen LibiŽ. Alikhani eiste van een Iraanse rechtbank financiŽle genoegdoening van de VS. Carter weigerde, waarop de studenten 52 werknemers in de Amerikaanse ambassade -die $ 200 miljoen waard zou zijn- in gijzeling namen.Wegens Carters voortdurende weifelingen duurde de gijzelingscrisis ruim 14 maanden. Een reddingspoging ging volkomen mis. Carters gedoodverfde opvolger, de Republikein Ronald Reagan, beloofde dat, zodra hij tot president gekozen zou zijn, hij onmiddellijk de gijzelaars met geweld zou laten bevrijden.

 

In 1980 verloor de pindaboer de presidentsverkiezingen van Ronald Reagan en op het moment dat Carter aftrad als president werden de gijzelaars dan ook vrijwel ogenblikkelijk vrijgelaten. In september 1980 stond nog maar 25% van de Amerikaanse bevolking achter hem en verdween hij roemloos van het toneel. Wel bleef hij achter de schermende aandacht op zich vestigen. Zo heulde Carter met het voormalige Sovjet regiem in een poging president Reagenís anticommunistische politiek te ondermijnen. Gedurende Bill Clintonís regeerperiode was hij bevriend met het regiem in Noord Korea. Hij sprak verzoenende woorden over het communistische regiem en gafheimelijk toestemming voor het nucleaire wapenprogramma van dit land. Ē In het boek ďThe Liberal Left and World ChaosĒ geeft Michael Evans een overzicht van Carters falende leiderschap en laat tevens een ernstige waarschuwing horen dat Carter druk bezig is Barack Hoessein Obama te infecteren met zijn haat jegens de staat IsraŽl.

 

Het grote probleem van Carter was zijn enorme ego, zijn arrogante 'ik weet het beter' houding, wetende dat niemand zijn beslissingen ongedaan zou kunnen maken. Carter kreeg destijds vrije doortocht van de massamedia en werd hij door links-liberalen uitbundig geprezen vanwege zijn 'intellect'. Carter wordt nog steeds gebruikt door de CFR om valse en misleidende informatie de wereld in te strooien, en anti-Amerikaanse dictaturen en terreurorganisatieste paaien en te steunen. Auteur Stephen Hayward schreef in 2004 in zijn boek 'De Echte Jimmy Carter' (The real Jimmy Carter) dat Carter's waslijst van mislukkingen niet zomaar historische ongelukjes zijn. Ze zijn geworteld in Carter's volkomen foute karakter en ideologie -een zelfingenomen, vrome arrogantie, die gepaard gaat met een diep wantrouwen tegen Amerika.'

Jimmy Carter en zijn schaamteloze met sigaren spelende collega Bill Clinton bereizen nu de wereld als loopjongens van de Elite, en vertroetelen dictators en proberen overal in een goed blaadje te komen. Carter is thans een bemoeizieke ex-president die zijn falende beleid probeert te verdoezelen en zijn imago probeert op te poetsen door IsraŽl te demoniseren en dat werkt altijd bij de grote anti-IsraŽlische massa. Lees ook eens de rol van Carter in het depopulatie programma van de Elite. In zijn regelmatig terugkerende redevoeringen noemt hij de IsraŽlische Ďnederzettingení in IsraŽlís oude thuisland, de voornaamste hindernis voor vrede. Zijn huidige optreden draagt dezelfde kenmerken van mislukking en totaal verkeerde inschattingen als zijn dramatische presidentschap. George Santayana zei het zo: Zij die niet van de geschiedenis hebben geleerd, zijn gedoemd hun falen te herhalen

In zijn boek ďPalestine: Peace not ApartheidĒ verraad hij zijn grote afkeer voor het land en het volk van IsraŽl. Hij gebruikt zelfs het zwaar beladen woord ďapartheidĒ daarmee suggererend dat IsraŽl te vergelijken is met het voormalige Zuid-Afrikaanse apartheidsbewind. Carter schrijft dat het conflict tussen IsraŽlisch en ĎPalestijneníis begonnen toen ďJoodse militantenĒ in 1939 begonnen met hun aanvallen op Arabieren. Wat Carter hier beweerd is echter ver bezijden de waarheid. Zijn bewering correspondeert namelijk op geen enkele wijze met de historische feiten want het zijn de Arabieren die reeds in 1929 met hun terreur tegen de Joodse inwoners, de eigenaars van het aloude Bijbelse land, zijn begonnen. In dat jaar verspreiden Arabische leiders het gerucht dat de Joden van plan waren de Al-Aqsa moskee in Jeruzalem te verwoesten en predikte de Moefti van Hebron in de moskee "Dood aan de Joden" met als resultaat dat er 67 Joden door hun Arabische buren in koelen bloede werden vermoord.

Pierre van Paassen, een verslaggever die ter plaatse was beschreef de horror als volgt: "De doden lagen in de tuin en in de synagoge met doorgesneden kelen en in elkaar geslagen lichamen". Deze Joden woonden al vele generaties in Hebron de tweede heilige plaats van het Jodendom. In heel Judea woonden Joden, met uitzondering van de periode 1948-1967. Dat was het gevolg van de etnische zuiveringen bij de bezetting door JordaniŽ in 1948.Ook in Jeruzalem werden Joden vermoord die daar al generaties woonden. In 1936 vond er een Arabische pogrom plaats waarbij 510 Joden werden vermoord. Deze moordpartij werd georganiseerd door de Groot-Moefti van Jeruzalem Hai Amin al Hoesseini, met financiŽle steun van de naziís. De Joden zagen zich ten gevolge van dit soort aanslagen genoodzaakt een eigen leger op te bouwen, "De Haganah ".†††

Verder beschuldigd Carter IsraŽl ervan verantwoordelijk te zijn voor de stroom Arabische vluchtelingen tijdens de door de Arabieren begonnen oorlog van 1948. Ook deze bewering correspondeert niet met de historische feiten. Daarnaast negeert hij te melden dat ca 800.000 joden sinds 1948 uit de Arabische landen zijn verdreven, met achterlating van al hun bezittingen.

Carter onthoudt zich volledig van commentaar op het moorddadige PLO-bewind en wijst zijn beschuldigende vinger slechts in de richting van IsraŽl. Hij beweert ook dat de ďBende van RamallahĒaltijd voorstander is geweest van een twee-staten oplossing en dat IsraŽl dat consequent heeft tegengewerkt. Ook wat dit betreft vertellen de ware feiten een ander verhaal. Het zijn de Arabieren die de herhaaldelijk uitgestoken hand van IsraŽl hebben geweigerd. In het handvest van de PLO staat tot op de dag van vandaag dat men uit is op vernietiging van de staat IsraŽl.

Ook beschuldigd hij IsraŽl van het schenden van VN-resolutie 242. In deze resolutie wordt IsraŽl opgeroepen de in 1967 veroverde gebieden aan de Ďrechtmatigeí eigenaars terug te geven in ruil voor vrede. IsraŽl heeft deze eisen geaccepteerd maar alle Arabische landen hebben deze resolutie verworpen. Er is nooit enige neiging om een compromis te sluiten geweest. Toen in 1967 de toenmalige minister-president van IsraŽl, Levi Eshkol, de op JordaniŽ veroverde gebieden- het oude bijbelse land Samaria en Judea- aanbood in ruil voor een vredesakkoord werd dat door de gezamenlijke Arabische staten, in Khartoem bijeen, verworpen. De vermaarde drie ďneeísĒ van deze conferentieďGeen vrede, geen erkenning en geen onderhandelingĒ spreken wat dat betreft duidelijke taal. Noch de Arabische dictaturen, noch het PLO-bewind streven in werkelijkheid naar beŽindiging van de vijandelijkheden. Hun strategie is IsraŽl in fasen te liquideren. De terreur en de tijd zullen hun werk doen. Dat is hun fasentheorie. Carter maakt zich in zijn boek schuldig aan grove misleiding en regelrechte leugens.

Spreuken 18:2 Een dwaas schept geen behagen in inzicht, maar hierin, dat zijn hart zich bloot geeft.

Spreuken 26:22 De woorden van de lasteraar zijn als lekkernijen; zij glijden immers af naar de schuilhoeken van het hart.

Ook veroordeeld Carter IsraŽls bombardement op de Osirak kernreactor in de plaats Tuwaitha in Irak op 7 juni 1981. Deze reactor diende volgens de Iraakse regering voor het vreedzaam gebruik van kernenergie, hetzelfde verhaal waarmee thans Iran de wereld voor de gek houdt. Ook de centrale in Irak was slechts bedoeld voor de ontwikkeling van atoomwapens. De wereld liet Saddam Hoessein gewoon zijn gang gaan ondanks het feit dat hij had gedreigd IsraŽl metvier atoombommen te zullen vernietigen. Vandaag dreigt Iran IsraŽl van de wereldkaart te zullen verwijderen. Het Internationale Atoomenergie Agentschap, de nucleaire waakhond van de VN wat verspreiding van kernwapens zou moeten voorkomen, onderneemt hoegenaamd niets tegen landen als Iran en Noord-Korea.

Volgens Carter is IsraŽl ook verantwoordelijk voor Ďde uittocht van christenen uit het Heilige Landí, maar ook deze beschuldiging is volledig bezijden de waarheid en moet worden toegeschreven aan het PLO-bewind en haar bendeleden. Al jaren weigeren Wereldleiders, de internationale media en de kerken te reageren op het geweld van Mohammedís aanhangers jegens hun christelijke medeburgers. Wat de wereld nauwelijks weet is dat alleen al in de regio Bethlehem, tussen 2000-2004, 93 pogroms hebben plaatsgevonden. Gedurende de afgelopen jaren zijn honderden christenen gearresteerd omdat zij zonder toestemming religieuze diensten hebben gehouden. Christenen worden verdreven, vermoord, verkracht, stelselmatig vervolgd, gemolesteerd en geÔntimideerd. Dat is het leven van christenen in de van oudsher christelijke plaatsen in het oude Bijbelse land. De schuldigen blijven onbestraft. En Carter , die geeft IsraŽl de schuld van dit alles.

 

Ook wat betreft de schuldvraag over de oorlog Cast Lead tegen Hamas in Gaza, is IsraŽl in Carterís ogen de grote boosdoener.

 

Tijdens zijn bezoek aan Gaza in februari 2009 voor een gesprek met Ismael Haniyeh, leider van de terreurbewging Hamas, zei Carter met moeite zijn tranen in te kunnen houden bij het zien van de verwoestingen en armzalige levensomstandigheden van de bewoners in Gaza. Carter noemde Hamas een groep van betrouwbare en respectvolle individuen die absoluut niet verantwoordelijk gesteld kunnen worden voor de oorlog in januari in Gaza, tussen IsraŽl en Hamas. Daarmee IsraŽl indirect beschuldigend verantwoordelijk te zijn voor deze oorlog. Carter sprak vanzelfsprekend met geen woord over de reden van IsraŽls aanval; de constante raketbeschietingen. Hij mag inmiddels gezien worden als adviseur en spreekbuis van deze terreurorganisatie en vindt dat Hamas bij de Ďvredesonderhandelingení betrokken moet worden. Hij zei er bij president Barack Hoessein Obama op aan te willen dringen Hamas, van de lijst van verboden terreurorganisaties te halen, ondanks de duizenden raket- en mortieraanvallen op IsraŽl en het schrikbewind dat door deze terreurbeweging gevoerd wordt in Gaza.

 

  

 

Een alleszeggend plaatje: Jimmy Carter opent zijn armen voor Ismael Haniyeh, topman van de Palestijnse terreurbeweging Hamas. (Juni 2009)

 

Carter: ďDe leiders van Hamas willen vrede en verzoening, niet alleen met hun broeders van de Fatah beweging, maar eventueel ook met IsraŽl om samen zij aan zij, in twee soevereine staten te leven.Ē Haniyeh vertelde Carter echter dat hij het plan steunt mits de rechten van de Arabieren worden erkend en alle gebieden die door IsraŽl in 1967 zijn Ďbezetí worden ontruimd en Jeruzalem wordt erkend als hoofdstad van een PLO-staat. Hamas wil helemaal geen vrede! Dat werd nog eens duidelijk gemaakt door Ahmed Youssef, een vertegenwoordiger van Hamas. Deze gaf als reactie op Carters opmerkingen dat erkenning van IsraŽl totaal niet aan de orde is. ďIn de ideologie van Hamas is geen ruimte voor een Joodse staat in het Islamitische Midden-OostenĒ aldus Youssef.

 

Carter bedriegt mijn zijn uitspraken het onwetende publiek. Zo beweerde hij in een interview met Larry King in 2006 dat ĎSinds augustus 2004Ö Hamas zich niet (meer) schuldig heeft gemaakt aan daden van terreur, die aan een IsraŽliŽr het leven heeft gekost.í Dezelfde bewering is in zijn boek te lezen op pagina 179 en 184. Een ronduit valse bewering want op 31 augustus 2004 werden zestien mensen gedood en 100 gewond in twee bijna gelijktijdige zelfmoordaanslagen aan boord van stadsbussen in Beersjeba. Op 29 september 2004 werden twee kleuters gedood door een Qassam-raket die werd afgevuurd vanuit Gaza. Op 13 januari 2005 overvielen Hamas terroristen de grensovergang van Karni tussen de Gazastrook en IsraŽl waarbij 6 burgers werden gedood. Op 14 juli 2005 werd een vrouw gedood door een Qassam-raket afgevuurd vanuit Gaza. Hamas eiste voor al deze aanslagen de volledige verantwoordelijkheid op. Carter gelooft zijn eigen leugens gezien dit soort voorbeelden.

 

IsraŽlische nieuwsmedia melden in februari 2009, dat Carter na zijn gesprek met Hamasleider Haniyeh op de terugweg uit Gaza ter hoogte van de Erez grensovergang met IsraŽl is ontsnapt aan een moordaanslag door terroristen. IsraŽlische militairen zouden hebben gezien, hoe leden van Hamas een -vermoedelijk door leden van Al Qaeda geplaatste- bom van circa 200 kilo, die Carter ongetwijfeld zou hebben gedood als deze was ontploft, onschadelijk maakten. Later bleken de veiligheidsagenten van Carter door IsraŽl op de hoogte te zijn gesteld van de geplande bomaanslag.Hoewel Hamas ontkende dat er een bom was gevonden, verklaarde een geŁniformeerde agent ter plekke tegenover het persbureau Associated Press, dat de verwijderde voorwerpen inderdaad explosieven waren. Carter zei later tegen IsraŽlische journalisten in Tel Aviv, dat hij niets gemerkt had, en niet geloofde dat er een aanslag op zijn leven zou zijn gepleegd.

De voormalige Amerikaanse president blijkt niets anders dan een ziekelijke IsraŽl hater en scoort daarmee hoog bij de internationale anti-IsraŽl lobby. Carter heeft er nooit een geheim van gemaakt aan de kant van de voormalige aartsterrorist Jasser Arafat, te staan. Hij was dik bevriend met deze wellustige moordenaar en aartsleugenaar, en dat zegt al heel wat over zijn gevoelens ten aanzien van de Joodse staat. Tijdens zijn bezoek aan Ramallah in april 2008, legde hij een krans op het graf van Arafat en noemde hem een ď vechter voor vrede en een goede vriendĒ.

Rechts, Carter legt krans op graf van Arafat.

Zijn liefde voor het PLO-bewind is met de dood van Arafat niet verdwenen want zowel de terreurbeweging Hamas -die hij ziet als een representatieve vertegenwoordiging van het volk- als de huidige PLO-baas Abu Mazen (Mahmoud Abbas) kunnen op zijn sympathie rekenen. Op 13 juni 2009 is hij door de ďbende van RamallahĒ onderscheiden met de Palestinian International Award for Excellence and Creativity. Gedurende zijn toespraak zei hij Ďal vele jaren van de Palestijnen te houdení. Hij riep rivaliserende PLO-groepen op hun geschillen op zij te leggen en gezamenlijk hun aandacht te vestigen op het verkrijgen van controle op IsraŽls aloude thuisland.

Jimmy Carter: Hezbollah kan zich niet tegen IsraŽl verdedigen.

 

Ook was hij in Libanon om de terreurbeweging Hezbollah een hart onder de riem te steken.íHezbollah kan zich niet verdedigen tegen de IsraŽlische vliegtuigen die dagelijks het luchtruim van Libanon schendení zei Carter. Aan de hand van een grafiek liet hij de vluchten zien van IsraŽlische vliegtuigen boven alle delen van Libanon.†† ĎNoch Hezbollah, noch de Libanese strijdkrachten hebben wapens om zich tegen deze overvluchten te verdedigení,schreef Carter op de website van zijn Carter Centrum . De Italiaanse generaal Claudio Graziano, chef van de Unifil troepen in Libanon, vergezelde hem naar de Libanees-IsraŽlische grens waar Carter werd geconfronteerd met twee IsraŽlische tanks op slechts 70 meter afstand. Dat Hezbollah zich niet kan verdedigen tegen de IsraŽlische overvluchten is ťťn van de vele fabels waarmee Carter zich bedient in zijn oorlog tegen IsraŽl. Het is bekend dat Hezbollah luchtafweer raketten langs de Syrisch-Libanese grens heeft opgesteld.De Londen Times meldde reeds in augustus dat Brigade-Generaal Mohammed Suleiman had bevestigd dat Hezbollah Syrische SA-8 luchtdoelraketten had ontvangen. Suleiman was een belangrijke medewerker van de Syrische president Bashar Assad en kwam kort na zijn uitspraak onder mysterieuze omstandigheden om het leven. Luchtdoelraketten of niet, IsraŽl heeft het volste recht boven Libanees grondgebied te patroueren om informatie te verzamelen over de aanhoudende smokkel van allerlei wapentuig aan Hezbollah, in het gebied waarin UNIFIL dat zou moeten voorkomen. De IsraŽlische luchtmachtvoorziet Unifil regelmatig van fotografische informatie over de smokkelroutes, maar er wordt niets mee gedaan.

In 2002 kreeg Carter de Nobelprijs voor de Vrede voor wat men noemde ďzijn onverflauwde inzet in het vinden van vreedzame oplossingen voor internationale conflicten en het bevorderen van democratie, mensenrechten en economische en sociale ontwikkeling.Ē In zijn regelmatig terugkerende redevoeringen noemt hij de IsraŽlische Ďnederzettingení in IsraŽlís aloude thuisland, de voornaamste hindernis voor vrede. Over de zelfmoordenaars en de slachtoffers aan IsraŽlische zijde, zwijgt hij als het graf. Hij schetst een verwrongen beeld van de IsraŽlische politiek en bedient hij zich van een reeks door de PLO-propagandamachine verspreidde leugens.Carter is een IsraŽlhater en staat volledig achter de eisen van de Arabieren. De Amerikaanse predikant en schrijver John Hagee noemt Carter ĎIsraŽls vijand in Amerikaí. Menigeen vraagt zich af waarom Carter steeds opnieuw zo schandalig naar IsraŽl uitvalt. In een wereld met zoveel moord en doodslag is de vraag gerechtvaardigd of Carter als Ďvredesapostelí niet wat anders te doen heeft. De zaak ligt minder ingewikkeld dan het lijkt want op de lijst van donoren van het Carter Centrum prijken de namen van diverse Arabieren.

In 1977 aaide de islamofiele antisemiet Jimmy Carter het Saoedische prinsengebroed over de bol door Saoedi-ArabiŽ de belangrijkste partner van de Verenigde Staten te noemen. Volgens een artikel in het conservatieve tijdschrift National Review wordt het Carter Centrum met vele miljoenen dollars gesponsord door diverse Arabische olieprinsen. Hij ontving diverse malen miljoenen dollars aan giften uit de Arabische wereld. Logisch natuurlijk want hij promoot openlijk de invoering van de sharia voor de islamitische Gemeenschap van de Verenigde Staten. Op de jaarlijkse conventie van de zogenaamd ďgematigdeĒ moslimorganisatie ďIslamic Society of North AmericaĒ (ISNA) in 2014, zei hij dat er in de wereld vooral veel vrouwen onderdrukt worden en sprak de wens uit dat ďde principes van AllahĒ deze vrouwen zouden mogen bevrijden!!!

In 1993 ontving hij van het Saoedische prinsengebroed 7.6 miljoen dollar en in 2005 nogmaals 5 miljoen. De familie van Osama bin Laden gaf hem in 2000 1 miljoen dollar.In 2001 was Carter in de Verenigde Arabische Emiraten (UAE). Daar ontving hij de Zayed Internationale prijs voor natuurbehoud, genoemd naar sjeik Zayed, een potentaat en levenslang president. Voor deze onderscheiding ontving Carter 500.000 dollar.

Carter op bezoek bij zijn Arabische donoren

Dit zijn voor een deel dezelfde figuren die ook de wereldwijde jihad financieren en het verspreiden van anti-Joodse propaganda.

Het huidige Carter Centrum is eveneens bekend vanwege het uitnodigen van antisemitische sprekers, Holocaust ontkenners en steunpilaren van terreur.Professor Kenneth Stein, maar liefst 23 jaar lang in dienst van het Carter Centrum, heeft uit protest tegen Carterís walgelijke boek, ontslag genomen. Stein zei over Carterís boek: ďHet boek is gebasseerd op analyses, het staat vol met factische vergissingen en verzonnen teksten , gecopieerd ongedateerd materiaal en het is super oppervlakkig.Ē In navolging van Stein hebben vervolgens nog eens 14 leden, op staande voet ontslag genomen omdat zij zich niet langer kunnen verenigen met de volstrekt leugenachtige passages in het boek die volledig haaks staan op de geschiedschrijving en Bijbelse waarheden wat betreft IsraŽlís recht op het land.

De ene na de andere academicus ziet openlijk af van associatie met Carter en zijn Center. Dit vanwege de notoire leugenachtigheid van zijn boek. Diverse critici hebben Carter uitgenodigd voor een discussie, maar hij laat verstek gaan. …ťn van zijn criticasters Alan Dershowitz heeft hem via diverse media uitgenodigd een publiek debat aan te gaan maar de pindaboer weigerde iedere uitnodiging. Als verweer komt Carter met het goedkope smoesje dat Joden en de pro-IsraŽl lobby, verantwoordeliujk zijn voor de negatieve reacties op zijn boek.Verschillende Amerikaanse kranten noemen Carterís boekďdebielĒ ďanti-historischĒen ďlachwekkendĒ. Zelfs uit eigen Democratische kring heeft Carter een golf aan commentaar gekegen.

Jimmy Carter's War Against the JewsCarter heeft inmiddels weer een nieuw boek uitgebracht met de titel ĎEr is vrede mogelijk in het Heilige Land: Een plan dat zal werken.í In dit laatste boek maakt hij zich wederom schuldig aan een onvoorstelbaar brutaal staaltje geschiedvervalsing van het allerergste soort. Carter wil dat het Kwartet voor het Midden Oosten, bestaande uit Rusland, de VN, de EU en de VS volledige zeggenschap krijgt om het IsraŽlisch-Palestijnse conflict op te lossen. Daar wil hij niet alleen de 'vrijheidsminnende' landen SyriŽ en Iran bij betrekken, maar ook de altijd zo duidelijk op 'vrede' uitzijnde terreurorganisaties Hamas en Hezbollah. Vrede in het Heilige Land is volgens Carter alleen mogelijk als het Kwartet dit samen bewerkstelligt met Hamas, Hezbollah, SyriŽ en Iran - maar IsraŽl zťlf is daar van uitgesloten.

 

Een voorbeeld van regelrechte geschiedvervalsing en schandalige stemmingmakerij. Carter schrijft dat premier Begin akkoord ging met de verdeling van Jeruzalem. Begin schreef op 17 september 1978 echter een brief aan Carter met de woorden: 'Beste Meneer de President, op basis van deze wet heeft de overheid van IsraŽl in juli 1967 verklaard dat Jeruzalem de enige en ondeelbare hoofdstad van de Staat IsraŽl is.'Volgens Begin zou Carter hem vervolgens geantwoord hebben, dat de Verenigde Staten Jeruzalem niet als hoofdstad van IsraŽl erkenden. Hierop reageerde Begin: 'Sorry meneer, maar de Staat IsraŽl erkent uw niet-erkenning niet.' Daarnaast wekt Carter in zijn boek de indruk dat hij en Begin goede vrienden waren, door te stellen dat de IsraŽlische premier en de Egyptische president Sadat hem opzochten om hun persoonlijke beloftes van vrede aan hem te bevestigen. Begin weigerde echter Carter te ontvangen toen deze naar Jeruzalem reisde, omdat hij woedend was vanwege Carters misleidende voorstelling van zaken tijdens hun eerdere ontmoetingen. Het is ronduit hypocriet van Carter om IsraŽl, de enige echte democratie in het Midden Oosten, te betitelen als 'apartheid staat' en als hťt obstakel voor vrede te noemen, waarmee hij impliceert dat de enige oplossing voor het IsraŽlisch-PLO-conflict een buitenlandse interventie is.

 

Hun einddoel wordt verwoord door een kind dat regelmatig op de PLO-tv te zien is..

 

Volgens Carter overwegen de PLO-leiders serieus om ťťn onafhankelijke eigen staat uit te roepen, en wel tussen de rivier de Jordaan en de Middellandse Zee. Dat betekent dat ze in dat geval de huidige Joodse staat IsraŽl in zijn geheel tot hun eigen grondgebied zullen verklaren.

 

Carter reageerde op 20 december 2010 zeer verheugt op de erkenning door BraziliŽ van de Palestijnse staat. Hijvertelde aan de Braziliaanse krant Folha de S. Paulo dat BraziliŽ hiermee een juiste daad heeft verricht.

 

Carter noemt Gaza een 'ommuurd ghetto waar 1,6 miljoen ĎPalestijnení wonen, waarvan er 1,1 miljoen uit IsraŽl en de Westelijke Jordaanoever zijn gevlucht.' Opnieuw een typisch Carter-staaltje van schandalige geschiedvervalsing, aangezien de meeste Arabieren op aandringen van de Arabische landen vrijwillig uit IsraŽl zijn vertrokken, zodat de Arabische legers in 1948 onmiddellijk een einde zouden kunnen maken aan de heropgerichte Joodse staat.Carter verklaarde achter president Obama te staan, die in het bevriezen van alle IsraŽlische bouwaktiviteiten op de Westelijke Jordaanoever en in het oostelijk deel van Jeruzalem de sleutel ziet tot vrede tussen de Arabische wereld en IsraŽl. Diezelfde Arabische wereld verklaart echter herhaaldelijk absoluut niet van plan te zijn om automatisch de betrekkingen met IsraŽl te normaliseren, zelfs niet als IsraŽl toegeeft aan alle door Obama, Carter en de PLO gestelde eisen.

 

Volgens Mahmoud Taleb, een voormalig commandant van Izzadin Kassam, de militaire tak van de terreurbeweging Hamas, heeft zijn groep in augustus 2009, een nieuwe poging gedaan Carter uit de weg te ruimen. Talebís groep bestaat uit tientallen terroristen die Hamas de rug hebben toegekeerd omdat ze het huidige beleid van Hamas te soft vinden. Taleb noemde in een artikel in de in Londen verschijnende Arabische krant Asharq al-Awsat, Barack Hoessein Obama de ĎemirĒ en ďbeschermerĒ van alle moslims. Hij vertelde dat zijn mannen van plan waren geweest Carter en ook Tony Blair te doden gedurende hun bezoek aan Gaza, maar dat Hamas zijn mannen had gearresteerd waardoor ze hun plannen niet konden uitvoeren.

 

Carter opnieuw bij de landrovers in Ramallah

Op zaterdag 2 mei 2015 was de IsraŽl hatende pindaboer Jimmy Carter weer bij zijn terreurvrienden in Ramallah op bezoek. Carter was ook van plan om zijn vrienden van Hamas in Gaza te bezoeken maar dat ging om onduidelijke redenen niet door. Volgens Carter is ďHamas geen terreurorganisatieĒ maar een ďgewone verzetsgroepĒ met wie kan en moťt onderhandeld worden. Over Hamas terreurleider Khaled Meshaal zei hij: ďIk geloof niet dat hij een terrorist is. Hij is een sterke voorstander van het vredesproces. (klinkklare leugens) Meshaal heeft zijn interesse uitgesproken dat de Saoedi Ďs een Ďvredesontmoetingí zouden organiseren en dat de [in Doha Qatar gevestigde] Hamasleider het bestaansrecht van IsraŽl wilde erkennen gebaseerd op het Arabische Vredes Initiatief van 2002.ĒTotale onzin wat Carter hier beweerd.Prachtig hoe zowel premier Netanjahoe als president Reuven Rivlin Carter op voorhand lieten weten hem niet te willen ontmoeten wegens zijn gekende ďanti-IsraŽl positiesĒ en noemden Carter ďeen ramp voor IsraŽl.Ē Hij vertelde in een interview met Channel 2 dat hij inderdaad met Rivlin wilde spreken maar dat de IsraŽlische president zijn verzoek had afgewimpeld.

carter-abbasRamallah, zaterdag 2 mei 2015. PLO-terreurleider Abu Mazen schudt hartelijk de handen van de IsraŽl hatende pindaboer Jimmy Carter [beeldbron: AFP/Pool/Abbas Momani]

Jimmy Carter laat weer van zich horen

 

Carter laat nog regelmatig van zich horen en komt als vanouds met uitspraken die volledig van alle realiteit zijn ontdaan. Het maakt niet uit om welke terreurbewegingen het gaat, of landen die streven naar de vernietiging van IsraŽl of zelfs willekeurige nazioorlogsmisdadigers, ze mogen zich opnieuw verheugen op gepassioneerde sympathie van Carter. Zo noemt hij IsraŽl opnieuw een apartheidsstaat daarmee suggererend dat IsraŽl te vergelijken is met het voormalige Zuid-Afrikaanse apartheidsbewind. Zo beweert hij dat de meeste Palestijnen onder IsraŽlische militaire bezetting leven. Dat is absurd want de meeste Palestijnen leven onder bestuur van de leiders in Ramallah en onder Hamas in Gaza. Dat zijn simpele feiten die bewust verkeerd door Carter worden voorgesteld. Hij adviseerde Barack Hussein Obama op de valreepnog snel werk te maken van een erkenning van een Palestijnse staat voordat Donald Trump op 20 januari 2017 het stokje over zou nemen. Carter: ďWanneer Washington besluit de Palestijnse staat te erkennen, zal dat de vrede een stuk dichter bij brengen. Natuurlijk heb ik het in mijn toespraken altijd over Palestina simpelweg omdat het land behoort aan de Palestijnen Hij wijst er op dat inmiddels 137 landen de Palestijnse staat hebben erkend en dat het daarom tijd wordt dat ook het Witte Huis daar zijn handtekening onder zet. Carter heeft het over ďtwee statenĒ levend in vrede naast elkaar. Maar Carter is met betrekking tot deze kwestie het spoor al lang bijster.

 

Het feit dat 137 landen de Palestijnse staat hebben erkend betekend niet dat deze erkenning ook legaal is, want dat is het niet. Carter zegt dat het om vrede gaat, maar analyses die hij maakt en de stappen die hij voorstelt om het zover te krijgen, zijn verre van realistisch en brengen de vrede geen stap dichterbij. Ook blijft hij maar zeuren over IsraŽls bouwactiviteiten in wat hij de Palestijnse gebieden noemt en dat de Palestijnen zodoende door IsraŽl van hun grondgebied worden verjaagd. Carters aannames zijn gemeen en misleidend zoals hij al jaren de waarheid geweld aandoet. Carter houdt de Palestijnse leider Mahmoud Abbas verantwoordelijk voor helemaal niets, net zoals hij terreurleider Yasser Arafat jaren heeft gesteund en de terreurleiders van Hamas in Gaza. Er is bij deze bemoeizieke ex-president opnieuw geen enkele objectiviteit te ontdekken. De logica van deze man ontgaat ieder weldenkend mens. Zo heeft hij het ook over een peacekeeping eenheid onder leiding van de Verenigde Naties. Een waanzinnig idee want het is juist de VN die er een sport van heeft gemaakt IsraŽl voor alles en nog wat te veroordelen. Deze club is al 70 jaar een instituut waar de grootste leugens winnen, en de gruwelijkste dictators in werkelijkheid de dienst uitmaken.

Psalm 109:2-3 Özij spreken tegen mij met een leugentong, met woorden van haat omringen zij mij en zij bestrijden mij zonder oorzaak.

Terug naar: Inhoud