IsraŽl slachtoffer mediamanipulatie

 

Door: Franklin ter Horst (Aangemaakt: 2 oktober 2003) ( Laatste bewerking: 16 maart 2017)

 

De wereldburgers krijgen al vele jaren een vertekend beeld van de werkelijkheid door de zogenaamd 'onafhankelijke' nieuwsmedia wat betreft IsraŽl. De anti-IsraŽl stemming is algemeen, maar de actieve propaganda wordt in de hele wereld verzorgd door de ďlinkseĒ politiek en pers, door individuele anti-IsraŽl lobbyisten, fanatieke antisemieten en niet te vergeten door diverse kerkeiders. Hoe misleidend en leugenachtig de media te werk gaat blijkt nog eens uit een eind 2011 gehouden onderzoek van professor Henry Silverman van Amerikaanse Roosevelt Universiteit in Chicago naar de veronderstelde 'objectiviteit' van bijvoorbeeld het internationale persbureauReuters, waar alle reguliere Westerse media zich op baseren- blijkt dat dit persbureau niet vies is van smerige anti-IsraŽlische propaganda. Deze club kiest doelbewust de kant van het corrupte en misdadige PLO-bewind in Ramallah en de diverse Arabische despoten die hun eigen volk terroriseren.

Silverman onderzocht in totaal 50 door Reuters gepubliceerde nieuwsberichten over het Midden Oosten die gedurende drie maanden in 2010 zijn uitgegeven. Silverman ontdekte niet minder dan 1100 voorbeelden van tendentieuze berichtgeving, verdraaiing van feiten en propagandistisch taalgebruik. Dat zijn dus 1100 overtredingen van de journalistiek-ethische code van het objectief weergeven van feiten. Het merendeel van deze artikelen zijn vrijwel ongewijzigd overgenomen door de linkse media in het Westen en nieuws websites. Silverman onderzocht eveneens de reactie van 35 studenten op de 50 genoemde nieuwsberichten van Reuters. Het resultaat was dat hun sympathie vervolgens uitging naar het corrupte en misdadige bewind in Ramallah. Silverman voert dit terug op de handige en subtiele, maar daardoor niet minder propagandistische methoden van berichtgeving van Reuters. Hij benadrukte dat het niet alleen ging om het manipuleren van fotoís, maar ook om de schriftelijke berichten van het persbureau. Het gaat hier niet om per ongeluk gemaakte fouten maar heel bewuste keuze IsraŽl te demoniseren.

Hoe Reuters en andere Ďnieuwsbrengersí over het conflict tussen IsraŽl en de ďBende van RamallahĒ berichten, is duidelijk van invloed op het algemene beeld van de staat IsraŽl. En wakkert in het ergste geval de haat van moorddadige antisemieten aan. Fotografen en cameraploegen zijn met hele zwermen in IsraŽl neergestreken. Wanneer er niets te beleven valt, huren ze wel een aantal stenengooiers in om dramatische scŤnes te ontplooien, want er moet immers Ďnieuwsí gemaakt worden! Vervolgens worden de stenengooiers tot heroÔsche helden gemaakt, al dan niet gepaard gaande met IsraŽlische slachtoffers. Het maakt dat ze medeplichtig zijn aan de gewelddadigheden en het verspreiden van haat tegen IsraŽl. En de lezer, gelooft alles wat ze krijgen voorgeschoteld. Anti-IsraŽl propagandisten zijn de afgelopen decennia zo succesvol geweest dat het vandaag de dag mogelijk is om vrijwel elke beschuldiging tegen de Joodse staat te publiceren.

Matti Friedman, van 2006 tot 2011 werkzaam als redacteur bij het persagentschap Associated Press (AP) in Jeruzalem, heeft goed duidelijk gemaakt hoe het zit met de manier van verslaggeving over het IsraŽlisch-Palestijns conflict en het gebrek aan eerlijkheid van de pers. Hij doet in ĎThe Tabletí enkele schokkende onthullingen over de journalistieke wanpraktijken van AP en beoordeelt daarmee de kwaliteit van het agentschap en van andere grote internationale nieuwsaanbieders. Friedman verteld dat hij tijdens gevechten in Gaza in 2008-2009 persoonlijkinformatie heeft gewist dat Hamasstrijders vermomd als burgers vochten en vervolgens ook als burger bij de dodenaantallen werden opgeteld. ĎIk verdoezelde deze sleutelinformatie omdat onze reporter in Gaza bedreigd werd.íHet beleid van de redactie was toen, en is nu nog steeds, dat de lezers vervolgens niet geÔnformeerd worden dat de artikelen die ze lezen gecensureerd werden. Een nieuwsredacteur van AP Jeruzalem meldde dat zijn verhaal over de intimidaties van Hamas door zijn oversten in de koelkast werd gestopt. Redacteuren vinden het niet hun taak om tekst en uitleg te verschaffen bij de gebeurtenissen maar ze nemen wel een politieke positie in. Daarbij is verslaggeving voor hen verworden tot een wapen dat ze ter beschikking stellen aan de kant die hun voorkeur geniet.Ē

De organisatie HonestReporting beloonde voor 2013 de ĒThe New York TimesĒ met de eerste prijs voor de meest smerige anti-IsraŽl laster. Volgens HonestReporting wordt het verlenen van de prijs het best samengevat in ťťn regel: De NY Times knuppelde het hele jaar op IsraŽl in. Concurrenten voor de eerste prijs waren de BBC, CNN en zelfs de IsraŽlische krantHaaretz. PLO-stenengooiers werden als helden en verzetsstrijders neergezet en hun daden een inwijdingsritueel en een eervolle daad van zelfverdediging. Daarnaast pucliceerde deze krant opiniestukken met bijtend antisemitisme en het zaaien van twijfel over IsraŽls recht van bestaan. Meer dan een dozijn bijdragen van schrijvers, redacteuren en professionele analyses besmeurden Benjamin Netanyahu en maakten hem belachelijk vanwege zijn opmerkingen over het gevaar van de nucleaire ontwikkelingen in Iran.  The NY Times voegde ook een bekend anti-IsraŽl samenzweringstheoreticus toe aan haar redactie. De Egyptische schrijver Alaa Al Aswany.

Het jaar werd beŽindigd met een klapper. Een van de grootste missers van The NY Times was haar verslag over het fatale neersteken van de 18-jarige IsraŽlische soldaat Eden Atias door een terrorist. In plaats van een foto te laten zien van de familie van Eden Atias presenteerden ze een foto van de moeder van de terroristische moordenaar.In 2012 publiceerde HonestReporting een studie over een periode van twaalf maanden, waarin een diepteonderzoek plaatsvond naar de verslaggeving van The NY Times betreffende IsraŽl. Bijna 100 hoofdartikelen, redactionele bijdragen en columns werden geanalyseerd en het resultaat van de studie was schokkend.  80% van alle redactionele uitgaven over IsraŽl of haar politiek was pure IsraŽlkritiek. Van de 63 columns en schrijversbijdragen waren 43 bijdragen algemeen en rechtstreeks IsraŽlkritisch betreffende het nederzettingenbeleid of Iran. Wat betreft de opinie vormende stukken was het slechts 2% dat IsraŽl positief ondersteunde.

De cameraís zoemden op 13 oktober 2010 en de fotografen schoten hun plaatjes toen de Ďkleine martelarení van het PLO-bewind, de auto van David Beíeri bekogelden.

Het is business, handel, dat geld oplevert, maakt niet uit wat de gevolgen zijn. Dit soort fotografen houden er andere normen op na dan men normaal gesproken zou mogen verwachten. Beíeri voelde dat zijn leven in gevaar was en probeerde weg te komen maar kon daarbij twee van de stenengooiers niet meer ontwijken. Eťn van hen liep diverse verwondingen op, de ander raakte lichtgewond. De vraag is wie de pers heeft uitgenodigd naar Silwan te komen en wie de jongens heeft geronseld? Tijdens de 1ste en 2de intifada (het Arabisch woord voor afschudden) is het regelmatig voorgekomen dat kinderen door cameraploegen en fotografen zijn geronseld en betaald om IsraŽlische militairen met stenen te bekogelen om zodoende de niets vermoedende wereldburgers te trakteren op door henzelf uitgelokte gewelddadigheden. De gewelddadigheden in Silwan zouden nooit zijn gebeurd wanneer er geen fotografen bij aanwezig zouden zijn geweest. Steeds opnieuw blijken nieuwsbrengers te zijn verworden tot propagandaboodschappers van de PLO-terreurleiders en verkopers van misleidende en gemanipuleerde informatie.

Op zondag 10 oktober 2011 waren op dezelfde plaats ook al IsraŽlische burgers en een team van Channal 2 met stenen bekogeld. De kinderen zijn werktuigen in handen van gewetenloze schurken en anti-IsraŽlische propagandisten. Wat in Silwan gebeurde was geen nieuws maar gefabriceerde smeerlapperij. Dit is wat een deel van de media de wereldburger laat zien.

De lerares Zehava Weiss was dinsdag 21 februari 2012 onderweg van haar werk naar huis, toen de voorruit van haar auto door meerdere stenen werd geraakt.

Zehava Weiss in doodsnood

Het incident vond plaats op de weg door het dorp Beit Ummar. Weiss, die in het Joodse dorp Karmei Tzur woont, raakte niet gewond en kwam met de schrik vrij. Weiss zei tegen de Nieuwssite Ynet: ,,Plotseling stonden er heel veel mensen om mijn auto heen en ik wist meteen dat er iets ging gebeuren. Ik ben gewoon doorgereden, omdat er geen politie of soldaten in de buurt waren. Ik woon in Karmei Tzur en bijna iedere dag worden er in het naburige dorp stenen naar IsraŽlische autoís gegooid.Ē Meerdere fotografen van verschillende persbureaus stonden aan beide kanten van de straat om de auto heen met hun cameraís in de aanslag. Het grote aantal fotoís van de gebeurtenis vanuit verschillende perspectieven laten de medeplichtigheid en gewetenloosheid van de aanwezige journalisten zien.

Op 30 september 2000 publiceerden de New York Times, Associated Press en diverse andere grote Ďnieuwsbrengersí een foto waarop een ĎPalestijns slachtofferí te zien zou zijn die bij onlusten met het IsraŽlische leger op het Tempelplein in elkaar geslagen zou zijn. Maar het slachtoffer was Tuvia Grossman een 20 jarige Joodse student uit Chicago die in Jeruzalem aan een Yeshiva studeerde. Zijn vader in de Verenigde Staten zag de foto en schreef een brief naar de New York Times. De gebeurtenis vond plaats op Rosh Hashana en Tuvia en zijn vrienden waren van plan de Klaagmuur te bezoeken. De taxichauffeur nam een korte route door een van de Arabische buurten in Jeruzalem en daar werd de taxi door circa 40 PLO-Arabieren tot staan gebracht.

De ruiten werden ingeslagen en de slachtoffers naar buiten gesleurd en in elkaar geslagen met de bedoeling ze te lynchen. Zij werden gered door de IsraŽlische militair op de foto. De foto was ook niet genomen op het Tempelplein zoals de kranten melden, want daar staat geen gasinstallatie en al helemaal niet met Hebreeuwse belettering wat duidelijk te zien is achter de IsraŽlische militair. Zie wat Tuvia Grossman zelf over de gebeurtenis te vertellen heeft.

Er zijn door de jaren werkelijk honderden van dit soort smerige leugens en laster over IsraŽl in de media verschenen. Dat bleek ook toen er een afbeelding verscheen waarop een ĎIsraŽlische soldaatí te zien zou zijn met zijn voet op de borst van een klein Arabisch meisje en een geweer op haar hoofd gericht. Duizenden internetsurfers reageerden vol afschuw en uiten de meest schandalige verwensingen aan het adres van IsraŽl zoals: ďI hope the Israelis rot in hell!Ē. Maar wat gebeurt hier in werkelijkheid. Het blijkt dat de persoon op de afbeelding een Kalashnikov AK47 in zijn hand heeft en niet de standaard geweren M16 en M4 die door het IsraŽlische leger in gebruik zijn. Ook de schoenen en de kleding zijn niet in overeenstemming met de uitrusting van het IsraŽlische leger. De scene maakt in werkelijkheid deel uit van een straattheater in 2009, waar iemand een IsraŽlische soldaat speelde die een Arabisch kind onderdrukte.

Tijdens de 1ste en 2de intifada (het Arabisch woord voor afschudden) is het regelmatig voorgekomen dat kinderen door cameraploegen en fotografen zijn geronseld en betaald om IsraŽlische militairen met stenen te bekogelen om zodoende de niets vermoedende wereldburgers te trakteren op door henzelf uitgelokte gewelddadigheden.Een gefabriceerde afbeelding

Berichtgeving media tijdens oorlog van IsraŽl tegen de terreurbeweging Hezbollah in 2006

Zoals in alle voorgaande oorlogen en gevechten met de islamitische terreurbewegingen, werd IsraŽl in 2006 tijdens de oorlog tegen de Libanese terreurbeweging Hezbollah, door de internationale media, op een schandalige manier aan de schandpaal genageld. CNN, BBC, Sky News en andere Ďnieuwsbrengersí stonden zichzelf toe een propaganda-arm te zijn van de ďPartij van AllahĒ. De berichtgeving over de gebeurtenissen in Libanon was telkens tendentieus en bewust gericht het imago van de staat IsraŽl en het Joodse volk te beschadigen. De informatie kenmerkte zich door misleidende definities, als nieuws vermomde persoonlijke meningen, selectieve nieuwsgaring en verkeerde gevolgtrekkingen. Alles was er op gericht IsraŽls imago in de wereld verder te bezoedelen en de internationale opinie tegen IsraŽl op te zetten. De door Hezbollah georkestreerde reportages over burgerslachtoffers en verwoestingen in Libanon, werden eindeloos herhaald. Verschillende nieuwszenders lieten met regelmaat een gehelmde Libanees zien die de hele dag met een kinderlijkje liep te zeulen om het aan zoveel mogelijk fotograven en journalisten te laten zien.

De man met het kinderlijkje was op verschillende plaatsen te zien met steeds hetzelfde lijkje.

De IsraŽlihaters stellen geen prijs op de waarheid. Honderden anti-IsraŽl netwerken verspreiden dit soort valse informatie en dragen zodoende bij tot het kweken van haat tegen IsraŽl.

Berichtgeving media tijdens oorlog van IsraŽl tegen de terreurbeweging Hamas 2009

Tijdens IsraŽls militaire actie tegen de terreurbeweging Hamas in 2009 onder de naam ďCast LeadĒ bleek de media geen enkele belangstelling te hebben voor de reden van deze oorlog: 5000 raketten op IsraŽlische burgerdoelen.Zenders als Al Jazeera, CNN, BBC, Sky News en andere Ďnieuwsbrengersí stonden zichzelf toe een propaganda-arm van Hamas te zijn en beperkten zich veelal tot het verspreiden van anti-IsraŽlische propaganda en regelrechte leugens. Vooral Al-Jazeera verlustigde zich aan de met bloed besmeurde lichamen van Arabische kinderen waarvan ze de dood toeschreven aan IsraŽl maar waarvoor elk bewijs ontbrak. Al Jazeera trakteerde de kijkers op een stortvloed van anti-IsraŽlische propaganda en misselijkmakende beelden van gewonde en gedode kinderen. Dat de berichten wat er allemaal binnen Gaza gebeurde, gekleurd door de nieuwsmedia wordt weergegeven, is niet zo verwonderlijk. Men dient zich volledig te conformeren aan de eisen van Hamas om verslag te mogen doen. Daarnaast heeft een buitenlandse journalist een kruiwagen nodig, een tolk en een adviseur. Piest men buiten de pot, dan is het wegwezen. De door Hamas georkestreerde reportages over burgerslachtoffers, waaronder vooral kinderen, en verwoeste gebouwen, werden eindeloos herhaald.

Dit soort beelden krijgt de wereld natuurlijk niet te zien. Zo maakt de media nieuws in Gaza

Ook werd de wereldbevolking getrakteerd op de leugen dat er in Gaza sprake zou zijn van een humanitaire crisis vanwege de IsraŽlische blokkade. Beelden van markten en straten vol met winkelende Arabieren, die hun aankopen doen in propvolle winkels, waar tegen lage prijzen een overvloed aan kleding, elektronica en voedsel te verkrijgen zijn, werden bewust verzwegen. Zelfs de Arabische website PalToday liet vollemarkten zien. De media zwijgt want dan moeten ze toegeven dat Gaza geen open gevangenis is, geen getto vergelijkbaar met dat van Warschau, en er geen tekort is aan van alles. Daarom zal de waarheid niet op de televisie te zien zijn. Ze schamen zich er zelfs niet voor de strijd van IsraŽl tegen de terreurbeweging Hamas in Gaza te vergelijken met de genocide op 2 miljoen Cambodjanen door de Rode Khmer onder leiding van Pol Pot.

Op een persconferentie in New York werd minister van Buitenlandse zaken Tzipi Livni geconfronteerd met een haar zeer vijandig gezinde Amerikaanse pers. Sommige journalisten vergeleken IsraŽl zelfs met de Zimbabwaanse dictator Robert Mugabe: ,,beiden zijn niet gediend van journalistieke pottenkijkers.Ē Een persmuskiet die voor zijn vraagstelling uitvoerig uit een rapport van Human Rights Watch citeerde, vroeg de IsraŽlische minister om commentaar op "het vermoorden van onschuldige burgers" in Gaza. Hij gebruikte tevens het woord "terroristen" in een verwijzing naar de beleidsmakers in IsraŽl. Livni verdedigde zich met het excuus dat er een verschil bestaat tussen het "bewust" doden van kinderen waar Hamas zich schuldig aan maakt, en het "per vergissing" doden van kinderen. Buiten het gebouw schreeuwden IsraŽlhaters"Er is een oorlogsmisdadiger in het gebouw".

Berichtgeving media tijdens oorlog van IsraŽl tegen de terreurbeweging Hamas 2012

Tijdens Operation Piller of Defense in 2012 maakten nieuwsagentschappen en nieuwsleveranciers zich opnieuw medeplichtig aan mediafraude door gemanipuleerd beeldmateriaal te gebruiken om hun anti-IsraŽl verhalen kunstmatig op te smukken. Nagenoeg alle Westerse mediakanalen en nieuwsleveranciers (AFP, CNN, Reuters, EPA enz.) kwamen op de proppen met pakkende fotoís van ruÔnes waarin speelgoed opduikt dat vrijwel nagelnieuw en ongeschonden uit de puinhopen werd opgedolven. Allemaal nep. Het speelgoed werd er door de fotografen zelf bijgelegd. De truuk werkt altijd. Zie wat er gebeurt wanneer er cameraís verschijnen op de plaats van een aanval op Gaza en er simpelweg niet genoeg dode en gewonde Arabieren te zien zijn, dan maakt de leugenmachine weer overuren en organiseren ze gewoon wat. Dit voorbeeld werd uitgezonden tijdens een interview van de BBC naar aanleiding van de doelgerichte uitschakeling van Hamas topterrorist Ahmed Said Halil Jabari door het IsraŽlische leger. In de videoclip is een Arabier te zien in beige jacket en zwarte T-shirt, die zo het lijkt gewond is geraakt tijdens de IsraŽlische luchtaanval en door enkele mede omstanders wordt opgepakt en weggedragen. Nauwelijks drie minuten later is het Ďslachtofferí, opmerkelijk snel hersteld, springlevend terug te zien.

Deze zogenaamde ďjournalistenĒ zijn slechts stropoppen voor Hamas die dag en nacht klaar staan om op een teken van Hamas bereid zijn om het even wat te filmen of te fotograferen en graag wegkijken van taferelen waarvan Hamas niet wil dat ze op beeld worden vastgelegd (iets wat dikwijls voorkomt zeker als het om ďonverklaarbareĒ explosies gaat en tegenstanders die van daken van flatgebouwen worden gegooid). Intussen gaat de leugenwinkel van Pallywood gewoon verder met haar sloopwerk van de waarheid. Elke dode in Gaza moet en zal een slachtoffer zijn van de Zionistische bezetter. Een oude man die sterft aan een beroerte, een vrouw die de bevalling van haar 13e kind niet overleefd, een jongen die tijdens het kwajongensspel uit de appelboom van de buurman valt en zijn nek breekt, worden door Hamas zonder onderscheid omgetoverd als slachtoffers van de Zionistische Bezetting als zijnde jihadisten en martelaars ďvoor de goede zaakĒ

Een ander schandalig voorbeeld van mediamanipulatie is het bericht over een bloedend Palestijns meisje dat de hele aardbol is rondgegaan. Het verhaal gaat dat het meisje op 10 maart 2012 tijdens nachtelijke luchtbombardementen door het IsraŽlische leger op Gaza werd gedood. De afbeelding dateert echter uit 2006 en heeft helemaal niets te maken met een IsraŽlische aanval op Gaza. Het is een door Reuters genomen foto op 9 augustus 2006. De dood van het meisje heeft helemaal niets te maken met een IsraŽlische luchtaanval, maar heeft in werkelijkheid een dodelijke val gemaakt vanaf een schommel. Westerse journalisten maken zich op grote schaal schuldig aan dit soort uitwassen.

Via Twitter en Facebook werd een foto in omloop gebracht waarop een gedood gezin te zien was. Op de T-Shirts van de drie kinderen was bloed te zien. Het onderschrift bij de foto luidde: ,,Gaza, november 2012Ē. Enkele dagen nadat de bewuste afbeelding op het net was geplaatst, kwam een Italiaanse internetblogger tot de ontdekking dat hij de foto al eens eerder had gezien. Hij was namelijk oorspronkelijk door de rebellen in SyriŽ verbreid onder de titel ď112 kinderen en vrouwen door het Syrische leger vermoord.Ē

Iemand genaamd Hazem Balousha, die zich voor een mensenrechtenactivist uitgaf, publiceerde op Twitter fotoís van kinderen die onder het bloed zaten en die op geÔmproviseerde brancards naar een ziekenhuis werden gebracht. Er stonden slecht twee woorden bij: ďGaza bloedtĒ. Deze fotoís kwamen vervolgens in handen van BBC-verslaggever Jon Donnison, die bekend staat als een felle IsraŽl criticus. Hij stuurde de fotoís per omgaande naar duizenden internetsurfers. Maar uit onderzoek van de Britse krant Sun bleek dat ook deze fotoís al eerder op het internet hadden gestaan en oorspronkelijk eveneens door Syrische rebellen waren gepubliceerd.

Het Arabische meisje op onderstaande afbeelding, met de bijnaam ĎShirley Temperí, verschijnt aan de lopende band als slachtoffer voor de cameraís van de internationale media. Voor deze rol kreeg zij zelfs een onderscheiding van de Turkse dictator Recep Tayyip Erdogan.

En dan nog het voorbeeld van een jongetje dateen plas bloed aan het opruimen is. Het bloed zou afkomstig van zijn broertje dat vermoord zou zijn door het IsraŽlische leger. De foto verscheen op internet met de ondertitel: ,,Palestijn verwijderd het bloed van zijn broertje, vermoord door een bom van het IsraŽlische legerĒ. Dit soort verhalen is smullen voor de anti-IsraŽl kliek. Maar in werkelijkheid ging het bij de afbeelding om het bloed van een geslachte koe. De afbeelding was oorspronkelijk ondertiteld met ,,Palestijns kind verwijderd het bloed van een geslachte koe in een slachthuis in Ramallah.Ē

Op de ochtend van 29 januari 2014 opende de Arabier Mohammed Mubarak (22) het vuur op het IsraŽlische leger bij het dorp Ofra in het Mateh Binyamin district. De soldaten beantwoorden het vuur waarbij Mubarak werd gedood. Later bleek dat hij ook het vuur had geopend op autoís van burgers, voordat hij de militaire post onder vuur had genomen. Later op de dag, meldde de website van de BBC: ďIsraŽlische troepen doden Palestijn in de WestbankĒ. Verder geen enkele melding dat Mubarak was begonnen met schieten op militairen en burgers. Het verhaal van de BBC, was zoals zo vaak, afkomstig van Palestijnse Ďgetuigení. ďGetuigen vertelden dat Mubarak ongewapend was, en werd lastig gevallen door de IsraŽlische militairen door hem zijn kleren uit te trekken. De BBC nam zoals gebruikelijk geen enkele moeite de ware feiten te onderzoeken alsvorens het verhaal te publiceren. De ware feiten vertellen echter een heel ander verhaal. Te zien is dat de man volledig gekleed is en er een wapen naast hem ligt.

Maan photoLater op de dag noemde een vertegenwoordiger van het PLO-bewind Mubarak ďeen Martelaar op het slagveld Ē. Het is de taak van de BBC om de kijkers en luisteraars van ware feiten te voorzien want het publiek weet doorgaans niet beter dan dat ze de waarheid vertellen. Het is al veel vaker gebleken dat de BBC het niet zo nauw neemt met de waarheid en het publiek walgelijke leugens voorschoteld als het over IsraŽl gaat.

Het gaat om het heel bewust manipuleren het menselijk denken en handelen. Mensen die de leugens aan de kaak stellen worden op allerlei linkse sites door figuren die het eveneens die zo nauw nemen met de waarheid, uitgemaakt voor fascisten, rechts-extremisten en/of Zionisten. Het gaat precies zoals Josef Goebbels, de nazi minister van propaganda destijds al zei: ďAls je een speciaal doel wilt bereiken, bedenk je een grote leugen. Door hem steeds te herhalen gaan de mensen vanzelf geloven dat het waar is wat je zegt. Op dat moment is de leugen geen leugen meer, maar is de leugen een nieuwe waarheid geworden.Ē

Uit een recent onderzoek in Duitsland bleek dat de media aldaar voor 70% wordt beheerst door journalisten die zichzelf rekenen tot het linkse of extreem linkse -en dus anti-IsraŽlische- politieke kamp.

Zoals gezegd is het meest effectieve wapen van het moslimbewind in Ramallah en dat van Hamas in Gaza, de internationale media. Het zijn meesters in het manipuleren van de media, en die laten zich verbazingwekkend genoeg, maar al graag manipuleren. Zo slaagde de terreurbeweging Hamas er in om heel wat mediamakers te overtuigen dat IsraŽl verantwoordelijk is voor de krachten van de natuur. Toen in december 2013 Jeruzalem en andere hoger gelegen oorden in de regio met vorst en zware sneeuwval te maken kregen, werden Joden in de kustgebieden van IsraŽl en de Arabieren in Gaza verrast door enorme regenval waarbij de boel onder water liep. Hamas haalde de media erbij en beschuldigde IsraŽl ervan Ďstuwdammení te hebben opengezet, waardoor een deel van Gaza onder water zou zijn gelopen. Het PLO-persbureau Al Majd voegde eraan toe dat het Ďeen oude Zionistische droom is om Gaza te zien verdrinkení. IsraŽlische deskundigen verklaarden onmiddellijk dat IsraŽl geen stuwdammen kent, die geopend kunnen worden. Ook legden ze precies uit hoe de storm de overstroming veroorzaakt had. Maar persbureaus zoals Al Jazeera en een leger aan media-activisten, die op Facebook, Twitter en andere media reageerden, waren vanzelfsprekend niet in de feiten geÔnteresseerd.

Deze foto is op 7 juli 2014 verspreid op Twitter en laat Ďonschuldige Palestijnen in Gaza zien die vluchten voor IsraŽlische bombardementení. In werkelijkheid is de foto in juni 2014 genomenin Aleppo, Syria.

Er is nauwelijks sprake van een onafhankelijke pers. Maar weinig journalisten wagen het een eerlijke opinie te geven als het over bijvoorbeeld het conflict tussen IsraŽl en het PLO-terreurbewind en Hamas in Gaza gaat. Internationale journalisten verzwijgen activiteiten van verschillende terreurgroepen en werken soms zelfs samen met deze terreurgroepen. Zo gaf de verslaggever van Al Jazeera Samer Alawi, na te zijn gearresteerd door de IsraŽlische geheime dienst Shin Bet toe een Hamasagent te zijn geweest. Hij vertelde door deze terreurgroep te zijn gerekruteerd, en dat hij zijn positie bij Al Jazeera meerdere malen ten gunste van Hamas had gebruikt. Dit bericht staat echter niet op zichzelf want ook westerse journalisten maken zich op grote schaal schuldig aan dit soort uitwassen.

Door het IsraŽlische leger doodgeschoten, vijf dagen later weer springlevend

Op 15 mei 2014 werden tijdens gewelddadige rellen in Beitunia, een plaats die onder controle van het bewind in Ramallah valt, twee minderjarige Arabische jongeren gedood. Klik hier voor het zien van de video. In het eerste fragment (0í24″) is een jongen met een slinger te zien en in het tweede fragment (0í58″) klinkt een knal en valt een manifestant tegen de grond en blijft liggen. Helemaal absurd wordt het in het derde fragment (1í29″). Opnieuw klinkt een knal, een manifestant kijkt eens rond en laat zich met twee uitgestoken armen (?) op de grond vallen waarna de cameramensen en perslui toesnellen. Opvallend is dat er nergens PLO-ordediensten of politie van de Palmaffiaís in Ramallah te bespeuren zijn, wel vťťl gehelmde camera- en perslui. Pallywood in volle actie!

azza3Hier wordt de Ďzwaargewonde Mohammed Azza naar een ziekenwagen gedragen.

De Ďslachtoffersí zijn Nadim Nawareh (17 jr.) en Mohammed Salameh (16 jr.) Het was echter van meet af aan al duidelijk dat het om een Pallywood-trucage moest gaan, maar de wereldpers was er als de kippen bij om deze Ďmoordpartijí wereldkundig te maken ondanks het feit dat de nazi-propagandamachine van het PLO bewind en Hamas, aan de lopende band leugens, beeldmontages, nepfotoís en foutieve eenzijdige informatie verspreidt. Disproportionele en obsessieve aandacht voor al wat de Joden doen, verdwaast de geesten.

Maar dat was nog niet alles. Ook met het verhaal van die zwaargewonde Mohammed Azza is er wat aan de hand. Human Rights Watch (HRW) schreef dat de jongen met scherp door het IsraŽlische leger werd neergeschoten en een kogel in de borst kreeg en sprak van een oorlogsmisdaad. Zoals bekend neemt deze organisatie het niet zo nauw met de werkelijkheid en gaan ze regelmatig mee in de leugenindustrie en beeldmanipulaties (Pallywood) van Abu Mazen (Mahmoud Abbas) en trawanten. Dat is de beruchte PLO-leugenmachine, de leverancier aan het Westen waar alle IsraŽlbashers, TV kanalen, en niet te vergeten van de NOS in Nederland, hun fotoís en videobeelden zonder enige controle wegplukken en doorstralen aan miljoenen kijkers in de wereld. De beelden die de wereld over gingen, tonen de rug van de Ďzwaargewondeí Mohammed Azza, die dus niet in de borst was geraakt zoals Human Rights Watch beweerde.

In de praktijk bleek het allemaal minder erg dan Pallywood de wereld in heeft gestuurd. Sommigen getuigen vertelden dat de jongen niet door een IsraŽlische kogel werd geraakt maar door een steen die een kompaan richting IDF soldaten gooide en die per toeval de jongen in de rug raakte. Vijf dagen later was de Ďzwaargewondeí Mohammed Azza op miraculeuze wijze weer ter been en kon hij gezond en wel het ziekenhuis weer verlaten. Bijzonder toch voor een die vijf dagen daarvoor ďzwaar gewond met een kogel in de borstĒ werd opgenomen.

Op de sociale media circuleert een de afbeelding (links-onder) waarop Palestijnse kinderen te zien zijn die zitten opgesloten in IsraŽlische gevangenissen. Begeleid door commentaren zoals: ďIsraŽl, de enige democratie in het Midden-Oosten stopt Palestijnse kinderen weg in kooienÖ. Denk daaraanÖĒEr is echter een probleem met dit plaatje: het is compleet NEP want de afbeelding rechts is van het orgineel.Het gaat om ďPalestijnse kinderen die wachten op voedselbedeling, geschonken door de islamitische Waqf in een soepkeuken in Hebron tijdens de Ramadan maand op 18 augustus 2010.Ē (foto EPA/ABED AL HASHLAMOUN)

prison-kids03prison-kids02

 

'Eyeless in Gaza' toont verwrongen nieuws over Gaza

'Tijdens de Gaza-oorlog in 2014 vielen gewapende Hamas-agenten het kantoor van Associated Press binnen, boos over een foto van een AP-fotograaf, en bedreigden het personeel, dat dit incident nooit meldde. Dit incident toont aan dat Hamas kan controleren waarover journalisten wel en niet berichten. De voormalige AP verslaggever voor het Midden-Oosten, Matti Friedman, vertelt dit in een 50 minuten durende documentaire 'Eyeless in Gaza', waarin de producer, Robert Magid, de gebreken en moeilijkheden in de rapportage over de 50-daagse oorlog onderzoekt. Robert Magid zei dat hij de berichtgeving wilde rechtzetten en de context wilde geven, nadat hij geschokt was door berichtgeving die negeerde dat Hamas zijn raketten gewoonlijk vanuit woonwijken lanceerde. Door dit verzuim konden de media een vals verhaal vertellen, dat IsraŽl ongevoelig was bij zijn bombardementen. Publieke verontwaardiging en antisemitisme waren het gevolg van dit besmeurde morele beeld van IsraŽl, veroorzaakt door de bevooroordeelde berichtgeving. 'Moslims zullen de Joden verpletteren zoals ze dat deden in Khyber 14 eeuwen geleden,' schreeuwen demonstranten in de film. Een ander zegt: 'Ik zie de Joden in IsraŽl als totale nazi's.'

Verslaggevers laten routinematig de geschiedenis weg die tot het conflict leidde, evenals hoe Hamas het aanstichtte. Magid geeft een korte historische context: in 2005 verdreef IsraŽl 10.000 van zijn eigen burgers uit de Gazastrook en bood de Palestijnen hun eerste kans op zelfbestuur. Maar Hamas nam het grondgebied over en maakte er een islamitische terreurstaat van, in plaats van een model voor verantwoord zelfbestuur en vreedzame co-existentie met IsraŽl. Kijkers zien de aanvalstunnels als voorbeeld van het beleid van de politiek van Hamas om publieke middelen te gebruiken voor het terrorisme. IsraŽl laat cement toe in Gaza, als reactie op de humanitaire behoefte om beschadigde gebouwen weer op te bouwen, maar ontdekt dat diezelfde cement wordt gebruikt om enorme ondergrondse tunnels te bouwen, met als enige doel het aanvallen van IsraŽli's. Elke tunnel kost ongeveer $ 3 miljoen, en een IsraŽlische militaire woordvoerder, geÔnterviewd in de film, schat dat $ 100 miljoen aan middelen werd 'omgeleid'.

Ondanks de ongekende pogingen van IsraŽl om het aantal burgerslachtoffers in Gaza te minimaliseren, laat de film zien hoe Hamas handelt om dit te maximaliseren. 'Het IsraŽlische leger belde me, en vroeg me om Al-Sajaeya te verlaten,' zegt een Gazaan. 'We bleven thuis omdat de Al Aksa en Al Quds [Hamas] radiostations ons zeiden: ďVerlaat uw huizen niet, het zijn geruchten.Ē We bleven in onze huizen, maar toen zagen we de bommen op ons vallen, we kwamen er op wonderbaarlijke wijze uit (...) Vijf van de zonen van mijn broer werden gedood, en de huizen verwoest.' Het IsraŽlische leger (IDF) deed veel moeite om burgers te sparen, stuurde waarschuwingen in de vorm van folders, SMS-berichten, de 'klop op het dak'-techniek (een licht explosief), en sociale media. Kolonel Richard Kemp, de voormalige commandant van de Britse troepen in Afghanistan, wijst in de film op 'de enorme inspanningen die de IDF bij de strijd in deze zeer moeilijke omgeving nam, om het aantal burgerslachtoffers te minimaliseren [zelfs terwijl] Hamas vrijwel voortdurend menselijke schilden gebruikte. Zij plaatsten doelbewust hun wapensystemen en hun strijders tussen de burgerbevolking.'

Reflexmatige wereldwijde veroordelingen van IsraŽl, veroorzaakt door een groot verschil in de aantallen slachtoffers, zijn op zijn minst het gevolg, van de nalatigheid van de media om de ware aard te beschrijven van de bedreiging van IsraŽl, die veel slachtoffers had kunnen maken. Hamas lanceerde duizenden raketten naar scholen, ziekenhuizen en dicht bebouwde IsraŽlische wijken, want het was de bedoeling van de organisatie om vele duizenden burgers te doden. Hamas slaagde daar niet in, alleen omdat IsraŽl miljarden in een raketafweersysteem had geÔnvesteerd en omdat de IsraŽli's regelmatig naar schuilplaatsen rennen, hoewel dit hun leven verstoort. Voormalig Russia Today correspondent Harry Fear, die zichzelf 'een van de meest met de Palestijnen sympathiserende journalisten in de wereld' noemt, merkt op dat de Palestijnen 'wapenstilstanden afwezen, die (...) duizenden levens hadden kunnen redden.'

Uit angst voor gewelddadige vergelding van Hamas, gaven de journalisten zich over aan collectieve zelfcensuur, vertelde Harry Fear aan Magid. Zowat alle buitenlandse correspondenten waren getuige van Palestijnse oorlogsmisdaden zonder die te rapporteren. 'Raketten werden voortdurend vanuit dichtbevolkte gebieden afgevuurd,' zei hij. Hij werd uit Gaza verbannen na het melding op Twitter van een dergelijke lancering. Een Indiase televisieploeg zond zijn beeldmateriaal van Palestijnse terroristen die raketten afvuren vanuit de woonwijken pas uit, nadat deze de Gazastrook had verlaten. Zijn verslag werd getoond in 'Eyeless in Gaza' en wijst erop dat de raketbeschietingen 'uiteraard ernstige gevolgen hebben (...) voor degenen die hier wonen, indien IsraŽl kiest voor vergeldingsacties.' Doordat Hamas de journalisten intimideerde, was de berichtgeving gebrekkig en misleidend, legt AP-verslaggever Friedman uit. 'Het grootste deel van het werk van de internationale media in Gaza gebeurt niet door westerse journalisten (...) maar door lokale Palestijnen uit Gaza: tussenpersonen, vertalers, journalisten, fotografen. (...) Hun families wonen in Gaza, en ze zijn niet van plan om Hamas boos te maken. En omdat deze mensen een groot deel van de verslaggeving bepalen, heeft dat uiteindelijk een zeer significant effect.'

Angst beperkt de grenzen van de vrijheid van meningsuiting in Gaza, zoals een enquÍte uit 2014 aangeeft, waaruit blijkt dat 80 procent van de Palestijnse journalisten zelfcensuur uitoefenen uit angst voor vergelding. In de film stemt Friedman daarmee in: 'Ik begrijp waarom journalisten zichzelf censureren (...) in Gaza. Wat ik niet begrijp is waarom de nieuwsagentschappen de beperkingen, waaronder zij opereren in Gaza, niet duidelijk hebben gemaakt, zodat de kijkers kunnen begrijpen dat ze een verwrongen beeld zien.' Voor Palestijnse journalisten kan de intimidatie nog erger zijn. Ayman Al Aloul beschrijft zijn gevangenschap en marteling door Hamas, nadat hij weigerde om te stoppen met schrijven over de extreme armoede van Gaza, en het mislukte economische beleid van Hamas. 'Ze begonnen me te slaan en vervloeken mij. Toen ik weer terug ging [naar mijn cel], vreesde ik dat ze iemand zouden sturen om een eind aan mijn leven te maken (...) Ik was bang dat ze zouden zeggen: "Hij stierf van de kou en honger." Ik was echt bang.'


Terwijl de westerse media en de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties obsessief hameren op elke vermeende IsraŽlische schending van de mensenrechten, negeren ze volledig wat er met Al Aloul gebeurde. Conflicten die veel minder media-aandacht ontvangen dan het IsraŽlisch-Palestijnse conflict Ė hoewel ze veel en veel bloediger zijn Ė werden ook genegeerd, dankzij de obsessie van de media met IsraŽl. De film stelt vast dat, sinds 2011, bijna een half miljoen mensen zijn gedood of gewond in SyriŽ, in vergelijking met ongeveer 2000 in Gaza. '160.000 Palestijnen woonden voor 2011 in Yarmouk. Door Syrische (...) bombardementen en een beleid van uithongering zijn er nu nog 18.000.' Studentenprotesten die IsraŽl routinematig beschuldigen van 'genocide' en 'bloedbaden' zijn of het gevolg van onjuiste informatie (deels door bevooroordeelde media) of gewoon van antisemitisme. Woordvoerder Chris Gunness van de UN Relief and Works Agency (UNRWA) erkent een dubbele standaard bij de media en de Arabische regeringen, wat betreft hun aandacht voor het lot van de Palestijnen in SyriŽ tegenover die in Gaza. Maar toen hem werd gevraagd, waarom UNRWA niet de vernietiging veroordeelde van duizenden huizen langs de grens van Gaza te behoeve van de veiligheid van Egypte, zei hij alleen maar: 'We hebben geen mandaat om in Egypte te werken.'

Friedman zegt hierover: 'Als IsraŽl 1 procent van zoiets zou doen, dan zou de internationale gemeenschap natuurlijk in rep en roer zijn. Ik denk dat mensen niet geÔnteresseerd zijn in Arabieren in het algemeen, of wat de Arabieren elkaar aandoen. Ik denk dat ze in principe geÔnteresseerd zijn (...) in de acties van de Joden. En om die reden kan Egypte hele wijken [grenzend aan] Gaza vernietigen, zoals het onlangs deed, en de wereld lijkt te slapen. Ik denk dat dit bewijst dat (...) het verhaal dat de internationale media hier vertellen, niet over de actualiteit gaat. Het is een verhaal over iets anders. Het is een moreel toneelstuk met in de hoofdrol een bekende schurk [de Joden].' Dit vijandige paradigma verklaart waarom de westerse media niets berichten over het antisemitische karakter van het handvest van Hamas, dat van alle ellende op de wereld Ė inclusief elke grote oorlog en revolutie, en zelfs de holocaust - de Joden de schuld geeft, en tevens oproept tot hun vernietiging, zegt Friedman in 'Eyeless in Gaza'.

'Wanneer je Hamas antisemitisch noemt, als je hun handvest citeert, wanneer je heel goed kijkt wat precies hun doelstellingen zijn, en wie ze zijn, dan zou dat erg storend zijn voor het verhaal dat IsraŽl een agressor noemt en de Palestijnen passieve slachtoffers die redelijke doelstellingen hebben,' meent Friedman De nalatigheid van de media om ook kritische feiten te vermelden, zoals die in de film 'Eyeless in Gaza' worden getoond, moedigt echter terreurorganisaties zoals Hamas aan om tactieken te hanteren die een maximaal aantal burgerslachtoffers beogen. Het gevolg is een wereldwijde veroordeling van IsraŽl vanwege het dodental in Gaza, en dat moedigt Hamas alleen maar aan om in de volgende ronde van geweld burgers in gevaar te brengen. Zoals de film 'Eyeless in Gaza' aangeeft, heeft het soort journalistiek dat verslag deed van de Gaza-oorlog in 2014, de waarheid verdraaid, een terreurorganisatie opgehitst, en de partij versterkt die het meest verantwoordelijk was voor de ellende van Gaza en de voortdurende vijandelijkheden met IsraŽl.

Hoe gemakkelijk leugens over Gaza worden geslikt

Gaza is een verleidelijk propaganda-instrument om IsraŽl te belasteren. Zelfs het alledaagse nieuws over het regenseizoen kan worden gebruikt om de anti-IsraŽl machine te voeden. Dat bleek in februari 2015 toen de pers over de hele wereld (en niet alleen de Arabische pers) verwoed meldde, dat IsraŽl opzettelijk overstromingen veroorzaakte in woonwijken in Gaza door dammen in de zuidelijke Negev regio te openen. Het gerucht deed het natuurlijk goed bij Al Jazeera en soortgenoten, maar zelfs grote westerse persbureaus zoals het Franse AFP en de Britse krant Daily Mail namen het bericht over. Een door AFP geposte video kreeg de titel 'Dorp in Gaza overstroomt nadat IsraŽl de sluizen in de dammen opent', terwijl de Daily Mail IsraŽl beschuldigde dat het honderden Palestijnen dakloos had gemaakt. Deze professionele journalisten hadden niet alleen de feiten van het verhaal niet gecontroleerd, het was hen ook ontgaan dat de afgelopen jaren elke winter dezelfde valse geruchten worden gepropageerd.

Hadden ze dat wel gedaan, dan zouden deze poortwachters van de westerse publieke opinie zich hebben gerealiseerd dat IsraŽl in de zuidelijke regio geen dammen heeft die kunnen worden geopend en gesloten, en dat Gaza gewoon een laaggelegen kustgebied is, dat helaas last heeft van zware overstromingen tijdens winters met gemiddelde tot bovengemiddelde regenval. De Daily Mail heeft later een uitgebreide correctie gepubliceerd, maar, zoals gebruikelijk, was de schade al aangericht.

In scene gezette foto uit Gaza van Associated Press

Ook persbureau Associated Press gebruikt geŽnsceneerde foto's en laat informatie weg om zo IsraŽl af te schilderen als een schurkenstaat, die lukraak vrouwen en kinderen afslacht tijdens de oorlog in Gaza in 2014. Een voorbeeld is onderstaande afbeelding, die de woede van de wereld opwekte tegen de militaire operaties van IsraŽl tegen de terreurbeweging Hamas. Deze foto is echter niets anders dan een smerig stuk anti-IsraŽlische propaganda, bedoeld om het IsraŽlische leger aan de schandpaal te nagelen. Het bijschrift is nog bedrieglijker: 'De aanval doodde zijn vader, een Hamas-politieman'. Op het bord staat de Arabische tekst 'Huis van martelaar Mostafa Jamal Malakeh.' Maar Malakeh was geen 'politieman'. Hij was een bekende Hamas militant en de plaatselijke commandant van de 'Al-Zeitoun bataljons' van de Izz ad-Din al-Qassam Brigades, de militaire vleugel van Hamas. Dit is dezelfde groep die sinds 2005 meer dan 8000 raketten had afgevuurd op IsraŽl. Dit alles is openbare informatie en is te zien op een Arabische YouTube-video ter herdenking van Malakeh. Associated Press heeft ervoor gekozen om deze bekende feiten te negeren in de rapportage over de dood van Malakeh, om het te laten voorkomen alsof IsraŽlische militairen een civiele politieagent hadden gedood.

De door Associated Press in scene gezette foto.

Volgens Associated Press wordt hun nieuws naar schatting door de helft van de wereldbevolking bekeken. Het in scene gezette bericht werd opgepikt door meer dan 280 AP filialen wereldwijd, 1400 kranten in Amerika en duizenden tv- en radiozenders. AP heeft later na een onderzoek door The Mideast Reporter/The Observer, toegegeven dat de foto in scene werd gezet en dat ze kinderen lieten poseren voor deze en vele andere foto's die ze verspreidden over de oorlog in Gaza. Er zijn strikte regels die persbureaus verbieden foto's te ensceneren, in het bijzonder bij gebruik van kinderen, maar de AP had er geen probleem mee om die regels te breken en tegelijkertijd hun abonnees, klanten en het publiek te verzekeren dat hun foto's de onpartijdige waarheid vertellen. GeŽnsceneerde foto's zijn een directe schending van zelfs AP's eigen verklaring van Nieuwswaarden en Principes: 'We voeren geen gebeurtenissen op of spelen die na voor de camera of de microfoon. We vragen mensen niet om te poseren voor foto's, tenzij we een portret maken, en dan schrijven we dat duidelijk in het bijschrift'.

Begin juni 2015 was in de Duitse media te lezen dat de Duitse minister van Buiten≠landse Zaken, Frank-Walter Steinmeier, door IsraŽl gedwongen zou zijn om met het vliegtuig vijfhonderd kilometer om te vliegen, toen hij afgelopen mei het Midden-Oosten bezocht. Volgens Spiegel Online zou hem de toegang tot het IsraŽlische luchtruim zijn gewei≠gerd. In werkelijkheid was er helemaal geen sprake van ongepast handelen van IsraŽlische zijde. IsraŽl heeft het vliegtuig van minister Steinmeier, dat van Beiroet naar Amman vloog, niet geweigerd om door het IsraŽlische luchtruim te vliegen. Bovendien had het Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken al verklaard dat IsraŽl om veiligheidsredenen gewoonlijk geen directe vluchten uit Libanon toelaat in het IsraŽlische luchtruim. En de leugen wordt nog eens extra beschamend, in het licht van de waarheid. Tijdens een tussenstop had Reuven Rivlin, sinds medio 2014 president van IsraŽl,op 31 mei zelfs een ontmoeting met Steinmeier.Het kwaad was alweer geschied want voor de lezer die niet beter weet was IsraŽl weer dat kwaadaardige, op wraak zinnende land, ook wanneer achteraf blijkt dat de berichtgeving een regelrechte leugen blijkt te zijn.

De dood van Ali Saíad Dawabsha

De dood van de 18 maanden oude Ali Sa'ad Dawabsha in Doema nabij Nabloes (het Bijbelse Sichem) op 31 juli 2015, hoe gruwelijk ook, is voor de internationale media aanleiding geweest om IsraŽl weer eens flink aan de schandpaal te nagelen. Het is al jaren zo dat ze zelden iets melden over de talloze moordpartijen op IsraŽlische kinderen. Het ontbreken van vergelijkbare verontwaardiging over de moord op Joodse baby's is even zorgwekkend als de dood van Ali Sa'ad Dawabsha. In IsraŽl zelf heeft de dood van het kind, een bijna beschamende vertoning van Joodse zelfkastijding voortgebracht. Men heeft zelfs niet gewacht op het officiŽle onderzoek maar bij voorbaad vrijwillig de schuld op zich genomen en dat heeft wereldwijd de indruk versterkt dat IsraŽl direct verantwoordelijk was voor de dood van het kind.

Een poster met vermoorde Joodse baby's met de tekst מישהו זוכר אותם נרצחי פעולות הטרור. In dit geval geen media of wereldleiders die het nodig vonden daar iets over te zeggen.

De leiders in Ramallah wel. Die verlustigen zich aan de beelden van gedode Joodse kinderen en vereren de moordenaars als helden.

Terug naar: Inhoud