De rol van het Vaticaan tijdens de Tweede Wereldoorlog

Door: Franklin ter Horst (Aangemaakt: april 1997) (Laatste bewerking: 25 februari 2016)

Er zijn na de Tweede Wereldoorlog veel vragen gerezen onder historici, ethici en theologen, over de rol van de Rooms-katholieke kerk gedurende de oorlogsperiode en in het bijzonder die van ‘oorlogspaus’ Pius XII. Men wil de Vaticaanse archieven inzien om te kunnen onderzoeken welke rol deze paus speelde tijdens de oorlog. Maar dit archief zal net zolang gesloten blijven totdat het uit 16 miljoen documenten bestaande Pius-archief volledig zal zijn gecatalogiseerd. Dat heeft het Vaticaan laten weten bij monde van de pauselijke woordvoerder, Frederico Lombardi. Voor sommigen is paus Pius XII een van de meest verdorven pausen aller tijden geweest en zou hij niet vies zijn geweest van samenwerking met Hitlers moordmachine. Hij zou openlijk met het nazi-bewind hebben gesympathiseerd. Uit de beschikbare documenten blijkt dat Pius XII en andere hooggeplaatste persoonlijkheden van het Vaticaan, gedetailleerd op de hoogte waren van de, door de Nazi’s bedreven vernietiging van het Joodse volk- en wel veel eerder dan het Vaticaan toegeeft.

Pius XII. geboren als Eugenio Maria Giuseppe Giovanni Pacelli, was pauselijk nuntius in Duitsland van 1928-1939, onder Paus Pius XI. Pacelli was ná W.O.1 een fervente bestrijder van het communisme. Leidde de kerk in Spanje, Italië en Duitsland tot enorme steun aan het fascisme. In Duitsland leidde hij de Duitse Katholieke Partij tot volledige steun aan Hitler. Tijdens het conclaaf van 1939 verklaarde Pacelli dat Pius X die in 1900 was overleden, aan hem was verschenen en had verklaard, dat hij Pacelli de nieuwe paus zou worden. Ook zou de Maagd Maria een persoonlijk wonder voor hem gedaan hebben. Hij beweerde met grote stelligheid dat de Here Jezus hem had bezocht en met hem had gesproken. Hij wist alles van de plannen van Hitler en stond daar voor de volle 100% achter.Hij zou persoonlijk de uitroeiing van 1.2 miljoen orthodoxe Serviërs hebben bevolen, omdat zijn kerk nog een appeltje te schillen had met de Oosterse orthodoxe kerk. In Kroatië werd het vuile werk uitgevoerd door de aartsbisschop van Zagreb: Ante Pavelic, en Kardinaal Stepinac (ambassadeur van het Vaticaan).

 Paus Pius XII met Adolf Hitler

Pius XII zou niets hebben ondernomen om de massavernietiging in de nazikampen tegen te gaan. Dirk Verhofstad schrijft in zijn boek “Pius XII en de vernietiging van de Joden” dat de paus bijzonder goed op de hoogte was van de gruwelijkheden van Hitlers bewind. De paus zou geen  enkel woord van afkeuring gericht hebben tegen Adolf Hitler en Mussolini. Ook zou hij toegestaan hebben dat de RK-priester Tisso hoofd werd van de nazi-regering in Tsjecho-Slowakije. Als zodanig zou hij volledig op de hoogte zijn geweest van vele jodentransporten naar de kampen in Duitsland. Ook heeft hij toegestaan dat in Kroatië de fascist Anton Pavelic samen met aartsbisschop Alois Stepinac in de Tweede Wereldoorlog een coalitie vormde met de pro-nazi partij Ustaschi.Deze Ustaschi heeft een vreselijke slachting aangericht onder de Joden en onder de Grieks-orthodoxe gelovigen en onder niet-rooms-katholieken. Volgens officiële schatting zijn er 50.000 Joden en 700.000 niet Rooms-katholieken omgebracht in concentratiekampen en in hun woonplaatsen. Een deel van de geestelijkheid nam actief deel aan de slachtpartijen.

Daniel Jonah Goldhagen schrijft  in zijn boek “A Moral Reckoning  dat de Duitse Rooms-katholieke kerk zelfs haar doopregisters had opengesteld voor het nazi-regime, zodat bepaald kon worden wie Jood was en wie niet. Verscheidene historici delen de opvatting dat Pius XII het nazisme onvoldoende heeft veroordeeld en geen actief beleid zou hebben gevoerd om Joden te helpen. Een positief geluid ten aanzien van Pius XII, komt van historicus en hoogleraar antisemitisme Hans Jansen. Deze  schrijft in zijn boek Pius XII- chronologie van een onophoudelijk protest  dat de opvatting dat de paus heeft gezwegen ten opzichte van het nazisme  ‘historisch onjuist’ is. Radio Vaticana zou tijdens de Tweede Wereldoorlog in naam van deze paus onophoudelijke tegen de Jodenvervolging in Europa hebben geprotesteerd. De paus zou geen ‘stilte’ maar ‘voorzichtigheid’ betracht hebben ten aanzien van Hitler-Duitsland.

In zijn kerstrede van 1942 verwees Pius XII  in bedekte termen naar de deportatie van Joden. Dit zou tot woedende reacties van de Duitse diplomaten in Rome en van de Italiaanse fascisten hebben geleid. Toen de encycliek Summie Pontificatus verscheen, schreef Goebbels, de tweede man van het nazisme in zijn dagboek: ‘de encycliek is verschenen en de paus is erg hard over ons’. Het verhaal gaat dat Pius XII na de oorlog talloze blijken van dankbaarheid ontvangen zou hebben voor zijn inspanningen ten gunste van het Joodse volk. Er zouden na de oorlog veel Joden naar het Vaticaan zijn gekomen om hem te bedanken voor wat hij zou hebben gedaan. Maar of dat ook waar is, is uiterst twijfelachtig. Bij zijn dood in 1958 schreef onder meer Golda Meir, destijds Israëls minister van Buitenlandse Zaken: ,,toen ons volk, gedurende tien jaar naziterreur, getroffen werd door de meest verschrikkelijke foltering, verhief de stem van de pontifex zich ten faveure van de slachtoffers.”

Golda Meir

De voormalige paus Benedictus XVI liet geen gelegenheid voorbijgaan, paus Pius XII te verdedigen voor zijn rol in het ‘redden’ van Joden tijdens de vervolging door de nazi’s. Pius zou duizenden Joden in Rome hebben laten onderduiken, terwijl het gevaar dreigde dat Hitler de soevereiniteit van Vaticaanstad zou schenden. Volgens Benedictus vond Pius’ strijd tegen de jodenvervolging plaats ,,in het geheim en in stilte, omdat dat de beste manier was om Joden te redden”. Pius had daar echter wegens omstandigheden vaak over moeten zwijgen. Benedictus weigerde tijdens een bezoek aan Israël een bepaald deel van het Holocaust herdenkingsmuseum te bezoeken omdat er een foto hangt van ‘oorlogspaus’ Pius XII.  In een bijschrift onder de foto staat het verwijt dat Pius heeft gezwegen over de jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog. Volgens de getuigenis van de Duitse minister van Buitenlandse Zaken in de Tweede wereldoorlog Joachim von Ribbentrop, afgelegd tijdens de processen van Neurenberg, zou de paus regelmatig geprotesteerd hebben tegen de gang van zaken.

Zoals bekend was Benedictus XVI (Ratzingen) zelf lid van de Hitlerjugend en diende hij in het Duitse leger. Tijdens de oorlog was hij assistent van een Duitse SS kapelaan in het concentratiekamp Ravensbruck en aanwezig zijn geweest bij kinderofferingen als lid van de Knights of Darkness. De kinderen die zouden worden geofferd kwamen van de gevangenen in het kamp. The Knights of Darkness (Ridders der Duisternis) was een Nazi divisie van de Waffen SS en door Hitler in 1933 opgericht. Deze divisie omarmde een cultuur van een oud heidens occult geloof in menselijke offering.

De positieve uitspraken over de rol van Pius tijdens de oorlog staan echter in schril contrast met de rol van het Vaticaan bij de vlucht van talloze oorlogsmisdadigers, de zogenaamde rattenlijn. Via kloosters werden vooraanstaande nazi’s geholpen naar Zuid-Amerika te vluchten. Met name Alois Hudal, Titulaire bisschop en vertrouweling van Pius XII, wordt genoemd als degene die de nazi vluchtelingen aan vervalste paspoorten hielp zodat ze veilig naar het buitenland konden vluchten. Zo wisten duizenden oorlogsmisdadigers, waaronder Hitlers plaatsvervanger Martin Bormann, nazi-arts Joseph Mengele, Klaus Barbie, Gestapo-chef van Lyon, ss-Hauptsturmbahnführer Alois Brunner de rechterhand van Adolf Eichmann,architect van de Holocaust, Franz Stangl, commandant van de vernietigingskampen Sobibor en Treblinka, en vele andere misdadigers met hulp van het Vaticaan naar veilige oorden te ontkomen.De op 20 september 2005 overleden nazi-jager Simon Wiesenthal zei vlak voor zijn dood: ‘Alle wegen naar de vrijheid liepen via Rome’….

Alois Brunner vond onderdak in de Syrische hoofdstad Damascus. (*) Brunner was onder meer verantwoordelijk voor de deportatie naar de vernietigingskampen van 47.000 Oostenrijkse, 23.500 Franse en 50.000 Griekse Joden. Als overtuigd antisemiet en nazi-ideoloog richtte Brunner zijn gewelddadige aandacht vooral op Joodse vrouwen en kinderen, die volgens hem de toekomst van het Jodendom belichaamden. Als commandant van het Franse concentratiekamp Drancy kreeg hij de reputatie van gewetenloze sadist. (*) Uit “De kern van de zaak van Wim Kortenoeven. Martin Bormann, partijsecretaris en secretaris van Hitler, vertrok in 1948 met vervalste Vaticaanse documenten en een grote zak geld naar Argentinië. Andere door de geallieerden gezochte oorlogsmisdadigers zoals Josef Mengele werden eerst in gebouwen van de Rooms-katholieke kerk ondergebracht en daarna met geld en gloednieuwe rechtsgeldige identiteitspapieren met hun nieuwe naam verder geholpen. Mengele werd ook wel ‘de Engel des Doods’ genoemd vanwege zijn beestachtige experimenten met gevangenen in het concentratiekamp Auschwitz. Veel Rooms-katholieke geestelijken vluchtten met hen mee omdat ze bang waren dat het communisme de macht in Europa over zou nemen.

Onder leiding van journalist Gabriele Weber heeft een groep Duitsers een rechtszaak aangespannen tegen het 50 jaar durend geheimhoudingsverbod op overheidsarchieven met daarin informatie over de vlucht van Nazi-topman Adolf Eichmann, die ook wel de 'architect van de Holocaust' wordt genoemd. Volgens de groep zijn er sterke aanwijzingen dat hoge officials van het Vaticaan Eichmann na de Tweede Wereldoorlog hebben geholpen bij zijn ontsnapping naar Argentinië. In 1946 ontsnapte Eichmann uit Amerikaanse gevangenschap en hield hij zich schuil in achtereenvolgens Duitsland, Italië en Zwitserland. Onder de schuilnaam Riccardo Klement vluchtte hij vervolgens in 1951 met een vals paspoort naar Argentinië. Het valse paspoort kreeg Eichmann van de eerder genoemde bisschop Alois Hudal. Na 15 jaar in Argentinië te hebben geleefd werd Eichmann uiteindelijk gepakt door de Israëlische geheime dienst Mossad, en werd hij in 1962 in Israël opgehangen. Volgens de Daily Mail werd er een geheimhoudingsverbod op de ware feiten rondom zijn vlucht naar Zuid Amerika ingesteld, omdat deze zowel de Duitse regering als het Vaticaan in ernstige verlegenheid zouden brengen.

 

Adolf Eichmann  zag het uitroeien van de Joden  als zijn plicht.

 

Eichmann was van 1941 tot 1945 het hoofd van de afdeling Joodse Zaken van de Gestapo en in die functie verantwoordelijk voor het sturen van miljoenen Joden naar de vernietigingskampen.

Terug naar: Inhoud