Amnesty International steunpilaar IsraŽls vijanden.

Door: Franklin ter Horst (Aangemaakt: 11 maart 2009)(Laatste bewerking: 17 januari 2017)

Amnesty heeft al jaren een zeer twijfelachtige reputatie als het om IsraŽl gaat. IsraŽl houdt al jarenlang vol dat organisaties zoals Amnesty International en hun leiders de Joodse Staat geen eerlijke kans geven wegens persoonlijke vooroordelen en gepolitiseerde standpunten over het conflict met het PLO-bewind in Ramallah en Hamas, de terreurbeweging in Gaza. Het jaarverslag 2015 Ė 2016 is opnieuw 2014 een anti-IsraŽl smeerstuk geworden.(www.amnesty.org) Zoeken op IsraŽl levert 132 hits op, op Saoedi-ArabiŽ 61, op Iran 55 en de Islamitische Staat wordt 24 keer genoemd. De Palestijnse terreurleider Abu Mazen (Mahmoud Abbas) wordt respectvol met name genoemd.

Screenshot_80De directeur van Amnesty International, Salil Shetty.

Volgens Amnesty handhaafde IsraŽl zijn meedogenloze land-, zee- en luchtblokkade van Gaza, kneep de reconstructie af na de verwoestingen veroorzaakt door het gewapend conflict in 2014. Op de bezette Westelijke Jordaanoever bleef IsraŽl illegale nederzettingen bouwen en strenge beperkingen in de bewegingsvrijheid opleggen aan Palestijnen met behulp van een reeks van militaire controleposten, slagbomen en een hek/muur dat zich honderden kilometers uitstrekt. Duizenden Palestijnen die zich verzetten tegen de militaire bezetting door IsraŽl of die betrokken waren bij de protesten daartegen werden gearresteerd en gedetineerd, en honderden werden vast gehouden onder hernieuwbare administratieve maatregelen die de autoriteiten de bevoegdheid geven om hen voor onbepaalde tijd vast te houden zonder aanklacht of proces; anderen werden doodgeschoten door IsraŽlische troepen, die regelmatig buitensporig geweld gebruiken tegen Palestijnse demonstranten. De spanning steeg fors in het laatste kwartaal van het jaar te midden van een golf van steekpartijen en andere aanvallen op IsraŽliŽrs door individuele Palestijnen. IsraŽlische soldaten en de politie reageerden met dodelijk geweld, soms ook in omstandigheden waarin individuen geen direct levensgevaar opleverden. IsraŽlische troepen doodden ten minste 156 Palestijnen uit de bezette Palestijnse gebieden, met inbegrip van kinderen, vooral in het laatste kwartaal van het jaar, sommige in expliciet buitengerechtelijke executies Ö

Ook in het rapport van 27 februari 2014 werd schaamteloos op IsraŽl ingehakt en de haat tegen de Joodse staat verder aangewakkerd. Ook dit rapport was verre van onpartijdig, eenzijdig en vol met anti-IsraŽl propaganda en liet zien hoe deze organisatie de weg is kwijtgeraakt. In het 87 paginaís tellend rapport beschuldigt Amnesty IsraŽl van Ďbuitensporig geweld, gerichte moorden die als oorlogsmisdaden moeten worden beschouwd en andere ernstige schendingen van het internationaal recht tegen de Palestijnen.í Volgens Amnesty zijn er in 2013 meer ĎPalestijnení gedood dan in 2011 en 2012 samen en zegt dat er sinds 2011 meer dan 8000 ĎPalestijnení gewond zijn geraakt waaronder 1500 kinderen door rubberen kogels en traangas. De groep roept IsraŽl op ďom een onafhankelijk, onpartijdig, transparant en snel onderzoek te doen naar alle meldingen van Palestijnse burgers die werden gedood of ernstig gewond raakten door de acties van de IsraŽlische troepen.Ē Amnesty dringt er bij de Verenigde Staten, de Europese Unie en de rest van de internationale gemeenschap op aan om ďalle leveringen van wapens, munitie en andere goederen naar IsraŽl op te schortenĒ om IsraŽl onder druk te zetten tot het toegeeft.

Zonder de druk van de internationale gemeenschap zal de situatie in de nabije toekomst niet veranderen, meent Philip Luther, Amnesty-directeur voor het Midden-Oosten en Noord-Afrika. 'Als de IsraŽlische autoriteiten de wereld willen bewijzen dat zij zich inzetten voor de democratische beginselen en zich houden aan de internationale normen inzake mensenrechten, moeten ze stoppen met moorden en onnodig gebruik van geweld', aldus Philip Luther.

Professor Gerald Steinberg van de in Jeruzalem gevestigde onderzoeksorganisatie NGO-Monitor noemt de beschuldigingen in het rapport ďroekeloos, schaamteloos bevooroordeeld en weerspiegelen het gebrek aan een geloofwaardig onderzoek van de feitenĒ en spreekt verder van politieke oorlogsvoering en valse beschuldigingen.

Ook de IsraŽlische regering reageerde vanzelfsprekend furieus op het rapport omdat het zoals altijd weer zeer eenzijdig is opgesteld. Woordvoerder Yigal Palmor van de IsraŽlische ministerie van Buitenlandse Zaken zei dat het rapport ruikt naar 'vooroordelen, discriminatie en racisme'. In een reactie op het rapport stelde het IsraŽlische ministerie van Buitenlandse Zaken, dat Amnesty IsraŽl het recht op zelfverdediging ontzegt. Het IsraŽlische leger zegt in een verklaring, dat Amnesty het vorig jaar sterk toegenomen geweld van de door het PLO-bewind opgehitste jongeren tegen IsraŽl volledig negeert. Het rapport verzwijgt de al maanden aan de gang zijnde gewelddadige demonstraties en terreur tegen IsraŽlische troepen met de bedoeling de troepen te provoceren resulterende in de dood van demonstranten zodat IsraŽl weer aan de schandpaal genageld kan worden. Het gaat om criminele acties georkestreerd door Abu Mazen en trawanten om de wereldopinie tegen IsraŽl op te hitsen.

Natuurlijk meldt het rapport niet dat de Arabische slachtoffers voornamelijk het gevolg zijn van gewelddadige acties tegen het IsraŽlische leger. In een reactie zegt de woordvoerder van het IsraŽlische Leger dat Amnesty op geen enkele manier rekening heeft gehouden met de enorme toename van gewelddadigheden waarin het leven van burgers en militairen dag in dag uit ernstig gevaar lopen.Het aantal terreuraanslagen is in 2013 verdubbeld ten opzichte van 2012. In totaal werden 1271 terroristische aanvallen geregistreerd waarbij maar liefst 132 gewonden zijn gevallen vanwege aanvallen met stenen. Nir Barkat, de burgemeester van Jeruzalem, zei voor IsraŽls Channel 10 News, dat het tijd wordt om 'een steen als een wapen te behandelen', en hard op te treden tegen degenen die lukraak Joodse mannen, vrouwen en kinderen met stenen aanvallen. Onder de 1271 aanvallen waren 201 aanslagen met vuurwapens en 16 zelfmoordaanslagen.

rocksStenen zijn een dodelijk wapen maar Amnesty richt zijn aanval slechts op IsraŽl

Zes IsraŽli's werden bij aanslagen gedood. Van de zes dodelijke slachtoffers stierven er drie door een aanval met een mes, twee werden doodgeschoten door sluipschutters, en een werd gedood na ontvoering door Arabische terroristen. In het rapport van Amnesty is sprake van een ernstig gebrek aan objectiviteit en om zaken in de juiste context of verhouding te plaatsen. Het rapport besteedt geen enkele aandacht aan alle genoemde terreur en bekommert zich op geen enkele manier om de slachtoffers aan IsraŽlische kant.

Dat het PLO-bewind verantwoordelijkheid draagt voor al deze aanslagen mag duidelijk zijn. Abu Mazen en trawanten zijn al maanden druk doende de bevolking op te hitsen met de meest smerige antisemitische videoís, met het verkondigen van leugens over recht op het land en het eren van moordenaars met bloed aan hun handen van onschuldige IsraŽlische burgers. De haatuitzendingen op de PLO-tv zijn praktisch dagelijkse kost. Kinderen zingen het lied "Oh flying bird," in een uitzending van PLO-tv ďMijn land Palestina is prachtig. Wij zullen terugkeren naar Safed, en dan naar Tiberias, Akko, Haifa en JaffaĒ allemaal plaatsen die in IsraŽl liggen. Het PLO-bewind ziet de vernietiging van IsraŽl als een reŽle mogelijkheid. Hier wordt een hele generatie kinderen geÔndoctrineerd met haat en de gedachte dat het mogelijk is de staat IsraŽl te vernietigen en alle Joden uit het land te verwijderen. Deze kinderen groeien op in een doodscultuur waar de echte wil om tot vrede met IsraŽl te komen, totaal wordt getorpedeerd.

Ze kunnen weer juichen in Ramallah om hun nieuwe ďheldenĒ en ďmartelarenĒ en hun namen bijschrijven op hun ellenlange lijst van geboefte die er een hobby van hebben gemaakt onschuldige IsraŽlische burgers te vermoorden.

Amnesty verbonden met Hamas en Moslimbroederschap

De Engelse krant de Times (London) heeft Yasmin Hussein, een senior official van Amnesty, gelinkt aan Hamas en met de Moslim Broederschap.Yasmin Hussein is het hoofd van de mensenrechten en godsdienstafdeling van Amnesty. Hussein is gelieerd aan een Britse ďhulporganisatieĒ die Hamas financiert. Bovendien blijkt Hussein persoonlijke relaties te hebben met een senior official van de Moslim Broederschap en logeerde bij deze official thuis in Egypte. Maar dat is niet alles. Husseins echtgenoot blijkt Musabbeh te zijn. In een proces in 2013 werden beide betrokken geacht bij een samenzwering, volgens documenten uit de Verenigde Arabische Emiraten. De betrokkenheid liep via een liefdadigheidsclub in Bradford, die deel was van een complex financieel en ideologisch netwerk, dat vanuit Engeland en Ierland als hub fungeerde voor de Moslim Broederschap en zijn vestiging in de VAE.

Amnesty bleek op de hoogte te zijn van de ontmoeting van Yasmin met het senior lid van de Egyptische Moslim Broederschap Ady al-Qazzaz. Deze al-Qazzaz werd door de onderwijzersbond in Egypte beschuldigd van het binnenbrengen van de Moslim Broederschap (en zijn gedachtenn) in het Egyptische onderwijs. Bij diezelfde ontmoeting zaten ze beiden aan een familiemaaltijd en bleef Yasmin in het privť huis overnachten. In het huis van Qazzaz, wiens zoon Khaled de secretaris van de Moslim Broederschap was voor buitenlandse zaken en wiens dochter Mona de officiŽle woordvoerster van de Moslim Broederschap was. Dit alles tegen de gedragscode van Amnesty in. Daarop werd een onderzoek ingesteld naar Yasmin, die zei geen idee van de connecties van de al-Qazziz familie te hebbenÖ  Zij kreeg een berisping en haar werd verteld dat dit niet weer mocht gebeuren. Amnesty gaf een verklaring uit waarbij ze verklaarde dat de band tussen Yasmin en de Moslim Broederschap niet bestond. Het lijkt echter zeer waarschijnlijk dat via Yasmin er wel degelijk banden zijn met terroristische organisaties, in ieder geval een financiŽle band.
Amnesty wordt hier absoluut niet geloofwaardiger door en de twijfels aan de oprechtheid van Amnesty krijgen hierdoor meer betekenis.

Dit zou de obsessie met IsraŽl kunnen verklaren. Het blijft vreemd dat Amnesty wel wetenschappelijk onderzoek laat doen, zoals het onderzoek van Donatella Rovera en vervolgens niets, maar dan ook niets met dat onderzoek doet. Integendeel, het beweert juist die dingen waarvan Donatella zegt dat ze niet (kunnen) kloppen. En vervolgens beweert Amnesty na hun waardeloze onderzoek Ė waarbij het Donatella`s rapport ďvergeetĒ Ė op onzinnige gronden dat IsraŽl oorlogsmisdaden pleegt.

Het is volkomen duidelijk dat Amnesty International alle geloofwaardigheid heeft verloren. Deze club kiest overduidelijk de kant van de terroristen en maken daarmee het voortgaan van de terreur mogelijk. Terwijl IsraŽls vijanden zich voorbereiden op de totale vernietiging van de Joodse staat, onthoudt Amnesty zich van enig commentaar op deze genocidale dreiging.

In september 2005 was internationale media zeer ingenomen met een rapport van Amnesty International waarin IsraŽl werd beschuldigd van ,,misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdadenĒ. Volgens dit rapport zou het IsraŽlische leger (IDF) duizenden onschuldige burgers - die onder bestuur vallen van het PLO-bewind in Ramallah-en buitenlanders hebben verwond of gedood, sinds het begin van de ďTweede IntifadaĒ eind september 2000. Ook spreekt Amnesty van ,,onwettige moorden, martelingen en onbeheerste zinloze verwoesting van Palestijnse eigendommen.Ē Amnesty bekommert zich nooit om de slachtoffers aan IsraŽlische kant, maar levert slechts kritiek. Kort na IsraŽlís schoonmaakaktie in de terreurstad Jenin begin 2002, waarbij volgens de PLO-nazi-propagandamachine 1500 burgers door het IsraŽlische leger zijn vermoord, (het totale dodental was 56 waarvan 49 terroristen) kwam Amnestie met kritiek zonder de werkelijke feiten eerst te onderzoeken. Een woordvoerder zei te vrezen dat de mensenrechten waren geschonden.

Het rapport van Amnesty was gericht tegen een land dat al jaren het hoofd moet bieden aan een doodscultuur die een mensenleven verachten Er bestaat geen enkele aandacht voor het feit dat IsraŽl sinds de Oslo-akkoorden in september 1993, voorstel op voorstel heeft gelanceerd om tot een blijvende vrede met de namaak Filistijnen te komen. Voorstellen die door wijlen Jasser Arafat, allemaal naar de prullenbak zijn verwezen en beantwoord met het sturen van zelfmoordenaars naar IsraŽl om zich op te blazen in restaurants, dancings, bussen en andere publieke gelegenheden. IsraŽl reageerde furieus op het rapport omdat het zeer eenzijdig is opgesteld.

Tijdens de oorlog tegen Hezbollah in de zomer van 2006, kwam Amnesty International al na een paar dagen met een oordeel en beschuldigde IsraŽl van ďoorlogsmisdadenĒ, aanvallen op burgerdoelen, bruggen, elektriciteitscentrales, hoofdwegen, zeehavens en de internationale luchthaven van BeiroetĒ. De raketbeschietingen door Hezbollah op IsraŽlische bevolkingscentra en het feit dat de terreurbeweging vrouwen, kinderen en zelfs babyísals menselijk schild hebben gebruikt, werd door Amnesty verzwegen. Het gebruik van-de-eigen-burgers als menselijke schilden wordt nog eens schrijnend duidelijk in de plaats Qana. Daar vielen 54 doden waaronder gehandicapte kinderen. Hezbollah heeft de dood van deze mensen zeer succesvol gebruikt om de wereldopinie tegen IsraŽl op te hitsen. Raketten werden afgeschoten vanuit woonwijken, moskeeŽn, vanaf daken van huizen en schoolpleinen,en speelplaatsen van kinderenwerden veranderd in artilleriestellingen.De systematische politiek van Hezbollah was om hun bases, trainingskampen, wapendepots etc, juist in woonwijken en steden op te zetten.Dat helpt bij het beÔnvloeden van de publieke opinie tegen IsraŽl wanneer daar burgers bij worden gedood. En dan te bedenken dat Libanese burgers door het IsraŽlische leger werdengewaarschuwd per uitgeworpen pamflet of per radio.

Vluchtelingen die het oorlogsgebied wilden verlaten, werden bij wegversperringen tegengehouden en teruggestuurd om zo als menselijk schild  te dienen. Hezbollah blokkeerde het transport van voedsel en medicijnen naar behoeftige Libanese burgers. Zelfs Jan Egeland, hoofd van de humanitaire afdeling van de VN, die zijn kritiek normaal gesproken bewaart om IsraŽl te demoniseren, zei: ďHezbollah moet stoppen met dit lafhartig gedrag door zich te verschuilen achter vrouwen en kinderen. Ik hoor dat ze trots zijn weinig verliezen te hebben geleden, maar daarvoor hebben de burgers de prijs betaald.Ē Hezbollah heeft geprobeerd het aantal Libanese slachtoffers zo hoog mogelijk op te voeren voor hun eigen nazi-propagandadoeleinden. Hezbollah is een terreurstaat binnen de staat Libanon, met haar eigen territorium, wapens en terroristen. Maar al deze misdaden speelden voor Amnesty geen rol van betekenis. IsraŽl beschuldigen van Ďoorlogsmisdadení was blijkbaar het enige doel.

Natuurlijk was ook Amnesty weer van de partij om IsraŽl aan de schandpaal te nagelen met betrekking tot de oorlog tegen de terreurbeweging Hamas in januari 2009. Amnesty spreekt in haar rapport genaamd ďOperation Cast LeadĒ 22 days of death and destructionĒ van oorlogsmisdaden, roekeloze aanvallen en buitensporig veel geweld tijdens deze oorlog. De titel zelf zegt het al.Het document richt zich voornamelijk op IsraŽl. Ook Hamas werd beschuldigd, maar het rapport wijst niettemin IsraŽl als hoofdschuldige aan. In hetrapport spreekt Amnesty van 1400 doden waaronder 900 burgers. Deze gegevens zijn echter totaal niet in overeenstemming met de informatie die na gedegen onderzoek door IsraŽl is vrijgegeven. Daaruit blijkt dat er in totaal gedurende de oorlog 1134 mensen zijn omgekomen waaronder 673 terroristen. IsraŽl uitte meteen en volkomen terecht, scherpe kritiek op het rapport. Het stelt onder meer dat het rapport geen correct beeld geeft van de raketbeschietingen gedurende acht jaar. Ook is de aanwezigheid van terroristen uit Iran volledig buiten beschouwing gebleven. Het rapport gaat ook nergens in op de IsraŽlische onderzoeksresultaten. Het rapport zwijgt onder meer over het gebruik door Hamas van huizen van burgers, scholen, ziekenhuizen en moskeeŽn als munitiedepots, het verminken en vermoorden van Fatah aanhangers en het verplaatsen van troepen middels ambulances. Al dit soort bewijzen zijn door Amnesty genegeerd evenals het feit dat Hamas een terreurorganisatie is, wiens doel het is de Joodse staat te vernietigen. Amnesty International collaboreert al jarenopenlijk met IsraŽls tegenstanders

Links de zomerkampen en rechts Hamas terreurleider Ismail Haniyeh met een van zijn kleine helden.

In een op 23 februari 2009 vrijgegeven rapport drong Amnesty International ook al aan op een wereldwijde boycot van wapenverkoop aan IsraŽl.Daarin stelt Amnesty  dat meer dan 20 landen wapens en munitie aan IsraŽl verkopen. Het gebruik van die wapens tijdens het offensief in Gaza heeft wellicht aan de basis gelegen van oorlogsmisdaden en ernstige overtredingen van het internationaal recht, aldus de organisatie. De Joods-Amerikaanse Anti-Defamation League reageerde verontwaardigd omdat zoín boycot IsraŽl het recht ontzegt zich te verdedigen. ,,In de oproep tot een wapenembargo tegen IsraŽl doet Amnesty International niets minder dan het recht op zelfverdediging van IsraŽl ontkennen terwijl dat een internationaal erkend recht is van elke soevereine natie," zei ADL-directeur Abraham H. Foxman in een verklaring. ,,De manier waarop Amnestydit verderfelijke en vooringenomen rapport presenteerden de toon van het verslag wijzen duidelijk op een agenda die IsraŽl wil belasteren.Ē Foxman voegt er aan toe: ,,In het verslag is geen enkele vermelding te vinden van het inzetten door Hamas van burgers als schild, noch van de tactiek om bevolkingscentra,  moskeeŽn, ziekenhuizen, scholen, en VN-faciliteiten te gebruiken voor militaire operaties.ĒAmnesty International beschuldigt IsraŽl van diefstal van water Palestijnen

Amnesty International heeft op 27 oktober 2009 een 112 bladzijden tellend rapport gepubliceerd waarin IsraŽl ervan wordt beschuldigd Ďwater van de Palestijnen te stelenĒ. Volgens Amnesty zou IsraŽl ,,meer dan 80% van het water uit een grote ondergrondse bron op de Jordaanoever naar nederzettingen pompen en is dit de enige bron voor de Palestijnen in het gebied.ĒIsraŽl zou genoeg andere bronnen bezitten. Verder wordt het volgens Amnesty ,,de Palestijnen onmogelijk gemaakt om nieuwe waterbronnen aan te boren, omdat IsraŽl daarvoor vergunningen moet afgeven. De procedures daarvoor duren vaak erg lang en vergunningen worden vaak geweigerd.Ē De beschuldigingen van Amnesty worden echter op geen enkele manier met bewijzen aangetoond. Het zijn niet meer dan loze kreten en het is bovendien niet toevallig dat dit smeerstuk van Amnesty komt op een moment dat IsraŽl aan alle kanten wordt aangevallen vanwege het optreden in januari 2009 tegen Hamas in Gaza. Het rapport is politiek geÔnspireerd en heeft slechts ten doel IsraŽl verder te demoniseren.

De waarheid is dat IsraŽl volledig aan haar verplichtingen heeft voldaan, en het PLO-bewind schromelijk tekort is geschoten. Het rapport is niets anders dan de nieuwste episode in de campagne IsraŽl als eenĎapartheidstaatí neer te zetten. De IsraŽlische waterautoriteit wijst het rapport met verontwaardiging van de hand en zegt dat ,,de Palestijnen zelfs meer water ontvangen dan in de Oslo akkoorden is afgesproken.Ē Amnesty negeert niet alleen deze bewijzen maar negeert eveneens bewust het bewijs dat het juist de Palestijnen zijn die water stelen. De door Amnesty gekozen eenzijdige benadering is weer zonder enig onderzoek door de wereldpers overgenomen. Ook hebben de internationale nieuwsbrengers de controleerbare IsraŽlische gegevens genegeerd. Wel hebben ze er bij vermeld dat IsraŽl het rapport heeft veroordeeld, maar dat is dan ook alles. CNN verzuimde zelfs IsraŽls veroordeling te vermelden. Zie videoverslag van CNN medewerkster Paula Hancocks.

De afspraken over de watervoorziening tussen IsraŽl en het PLO- bewind, zijn te vinden in Article 40†† Uit dit artikel blijkt overduidelijk dat IsraŽl niet alleen aan al haar verplichtingen heeft voldaan, maar de verplichte hoeveelheid water zelfs ruimschoots heeft overtroffen. De PLO-Arabieren daarentegen blijken hun verplichtingen aanzienlijk te hebben geschonden, in het bijzonder met betrekking tot belangrijke onderwerpen zoals de illegale boringen, (zij hebben meer dan 250 waterputten geboord zonder toestemming van de ďJoint Water CommissionĒ) .

Ook de afspraken over afhandeling van het afvalwater door middel vanzuiveringsinstallaties is door het PLO-bewind volkomen genegeerd. Waar zijn de miljoenen dollars aan donaties gebleven die voor dit doel bestemd waren? IsraŽl heeft het bewind aangeboden om hen te voorzien van ontzilt water, maar deze mogelijkheid is systematisch verworpen vanuit politieke motieven. Zoals gebruikelijk hebben de auteurs van Amnesty ervoor gekozen de controleerbare IsraŽlische gegevens aan de hand van documenten en verslagen, te negeren. Het rapport is volledig gebaseerd op beschuldigingen, een methode die door Amnesty al jaren wordt toegepast. Deze club is totaal niet geÔnteresseerd in waarheidsvinding maar heeft slechts ten doel IsraŽl als een kwaadaardig gezwel neer te zetten.

Prof.dr.Gerald Steinberg schreef: Ďhet rapport van Amnesty manipuleert de kwestie van het water en gaat voorbij aan de complexiteit van de geschiedenis en de handhaving van de wetten om IsraŽl andermaal ten onrechte neer te zetten als een wreedaardig regiem. In dit rapport wordt een pijnlijk simplistische taal gebruikt die enkel de schuld legt bij IsraŽl, in een poging om de ďBende van RamallahĒvolledig te ontslaan van de verantwoordelijkheid in de mede door hen ondertekende overeenkomsten in het kader van de Oslo-akkoorden. Dit rapport werd door Amnesty cynisch getimed om een nieuwe golf van boycotcampagnes tegen IsraŽl te stimuleren. Het is een scherp voorbeeld van de permanente campagne van Amnestyís openlijke vijandigheid tegen de staat IsraŽl.í

Gerald Steinberg

In een op 6 juni 2012 gepubliceerd document ďStarved of Justice: Palestinians detained without trial by IsraelĒ (Sterven voor gerechtigheid: Palestijnen gevangen zonder vorm van proces) vestigt Amnesty de aandacht op de hongerstaking van gevangenen in april 2012 in IsraŽlische gevangenissen. Naar schatting 2000 gevangenen beschuldigden IsraŽl ervan de rechten van de gevangenen te schenden en eisten betere omstandigheden, familie bezoeken en een eind aan administratieve gevangenschap voor alle gevangenen. Onder deze hongerstakers bevonden zich diverse boeven die zijn opgesloten vanwege hun betrokkenheid bij massale terreuraanslagen op onschuldige IsraŽlische burgers en daarvoor veroordeeld zijn. Het ging om een puur politieke campagne want deze gevangenen komen in werkelijkheid helemaal niets te kort. In het document wordt IsraŽl door Deborah Hyams en Saleh Hijazi (onderzoekers van Amnesty International) ervan beschuldigd ,,al tientallen jaren Palestijnen zonder enige vorm van proces vast te houden.Ē Beide figuren achter dit rapport blijken bij nader onderzoek een politieke activistische achtergrond te hebben en schromen daarom niet leugenachtige verklaringen af te leggen.

Deborah Hyams is zo fel anti-IsraŽl dat zij tijdens de 2e intifada dienst heeft gedaan als ďmenselijk schildĒ in Beit Jala, een dorp nabij Bethlehem. Dit dorp werd als basis gebruikt voor het beschieten van Gilo, een buitenwijk van Jeruzalem door de Fatah-Tanziem terreurbeweging. Dit gebeurde bij voorkeur vanuit de woningen van de christenen die daarbij dikwijls met geweld uit hun huizen werden verdreven. Het is voorgekomen dat Gilo werd beschoten vanaf de christelijke begraafplaats in Beit Jala, vanaf het plein voor de Sint Nicolaaskerk en ook vanuit de kerk zelf. Dat gebeurde notabene, tijdens een gebedsdienst. Deborah Hyams verdedigde met haar actie het gespuis van de Tanziem dat zich naast de beschietingen van Gilo, schuldig maakte aan verkrachting, afpersing en executies van burgers in Beit Jala en Bethlehem. Zij noemde ďbezetting geweldĒ en vond dat de consequentie hiervan moet resulteren in geweldĒ. In 2008, ondertekende Hyams een brief waarin zij IsraŽl beschuldigde ďeen staat te zijn gebaseerd op terrorisme, massaslachtingen en het stelen van land van een ander volk.Ē

Hyams partner, Saleh Hijazi, een in Jeruzalem geboren Arabier en opgegroeid in Ramallah, heeft eveneens laten zien een groot gebrek aan objectiviteit te bezitten. In 2007 onderhield hij contacten met de Non Governement Organisation (NGO) ďAnother VoiceĒ Ė een felle anti-IsraŽl groep met in hun vaandel ďTegenstand! Boycot! Wij zijn Intifada!Ē Amnesty heeft al jaren een zeer twijfelachtige reputatie als het om IsraŽl gaat. IsraŽl houdt al jarenlang vol dat Amnesty International de Joodse Staat geen eerlijke kans geeft wegens persoonlijke vooroordelen en gepolitiseerde standpunten.

Het hoofd van de Finse tak van Amnesty International, Frank Johansson, noemt IsraŽl een Ďschoremstaatí. Johansson, schreef op 25 augustus 2010 in Iltalehti, de derde krant van Finland, dat hij IsraŽl beschouwt als een Ďschoremstaatí. In zijn column vertelde Johansson dat tijdens een recent bezoek een vriend die in IsraŽl werkt hem zei dat IsraŽl in zijn ogen Ďeen schoremstaatí is. Verder schreef Johansson het hier mee eens te zijn, waarbij hij zich baseert op zijn eigen bezoeken tijdens de zeventiger jaren en voor de laatste keer in de negentiger jaren. Toen The Jerusalem Post hem hierover vragen stelde stond Johansson voor zijn opmerkingen, en zei dat ze gebaseerd waren op wat hij noemde ĎIsraŽlís herhaaldelijk negeren van het internationale rechtí en zijn eigen persoonlijke ervaringen met IsraŽliís. Het is volkomen duidelijk dat Amnesty International alle geloofwaardigheid heeft verloren. Deze club kiest overduidelijk de kant van de terroristen en maken daarmee het voortgaan van de terreur mogelijk.

Op 5 november 2014 publiceerde Amnesty International opnieuw een aanval op IsraŽl, met de zoveelste tirade waarin ze de Joodse Staat beschuldigden van genocide en andere oorlogsmisdaden. Later diezelfde dag werd IsraŽl in een Twitterbericht van een hogere Amnesty-medewerker rechtstreeks gelijkgesteld aan ISIS, de barbaarse jihadistische terreurorganisatie. Amnesty International vergelijkt nu de democratische Staat IsraŽl met verkrachters, onthoofders en genocidale moordenaars.

Amnesty International: Een kind van westerse geheime diensten en een propaganda-instrument

Amnesty International maakt er voor zichzelf graag aanspraak op wereldwijd voor mensenrechten en democratie te strijden. Deze NGO irriteert echter vaak wegens eenzijdigheid en dient op dit moment meer dan ooit als het vlaggenschip van westerse propaganda. Geen wonder dus dat de vereniging leugens over Rusland verspreidt en zodoende de westerse leugenmedia in de kaart speelt. Het gerenommeerde Canadese instituut Global Research beschuldigt de organisatie ervan dat zij aan ďAmerikaanse staatspropagandaĒ zou doen. Dit artikel is meer dan drie jaar oud en pakt o.a. het onderwerp Pussy Riot op, waarvoor men zich destijds bijzonder uitsloofde. Ook al kun je kritiek hebben op de gevangenisomstandigheden van de band, bij de campagne rondom de Russische band werd echter maar het halve verhaal verteld. Dat Amnesty werd bedacht door een medewerker van de Engelse geheime dienst, zou ook niemand verder moeten verbazen. De oprichter van de zogenaamde mensenrechtenorganisatie, Peter Benenson, was van 1941-1945 in het Bletchley Park werkzaam op de testafdeling, waar hij o.a. de Duitse Lorenz-sleutelmachine ontcijferde. De in 2005 overleden advocaat richtte in 1961 Amnesty International op. Het is gemakkelijk om leden te winnen wanneer men zich zogenaamd voor het goede in de wereld inzet. Mensenrechten en democratie zijn voor het Westen ondertussen strijdbegrippen geworden. Daarbij wijst men graag met het vingertje naar Rusland, China of Iran. Daarbij wordt vaak buiten beschouwing gelaten dat de VS en hun bondgenoten de mensenrechten met voeten treden. CIA-martelgevangenissen of het willekeurig doden van burgers door drones staan niet echt op de agenda van Amnesty International.

Amnesty International opnieuw in de fout

Sunjeev Bery, al enkele jaren de directeur voor Amnesty International USA inzake het Midden-Oosten en Noord-Afrika, gaf op 30 augustus 2016 een interview met de nieuwssite Salon, de media-uitgave van het Amerikaanse Salon Media Group, Inc. In dit interview vergeleek Bery de regering van IsraŽl met de regimes in Egypte en de Shariastaat Saoedi-ArabiŽ. Hij sprak vanďdodelijke hypocrisieĒ i.v.m. de wapenleveringen aan ďrepressieve regimes in het Midden-Oosten zoals IsraŽl, Egypte en Saoedi-ArabiŽ, die oorlogsmisdaden hebben begaan en andere schendingen van de mensenrechten.Ē

Opmerkelijk is dat Amnesty nooit iets meldt over het schenden van de mensenrechten in de Palestijnse gebieden. Bovendien worden deze rechten ookdoor de westerse media volkomen genegeerd. Om nog niet over Gaza te spreken waar Hamas standrechterlijk haar eigen onderdanen in het openbaar executeert. Wie de situatie in IsraŽl inzake mensenrechten wil vergelijken met wat er dagelijks gebeurt in Saoedi-ArabiŽ, Egypte en in de gebieden die onder controle staan van het bewind in Ramallah, moet zich dringend eens goed laten informeren. Amnesty heeft al jaren een zeer twijfelachtige reputatie als het om IsraŽl gaat. IsraŽl houdt al jarenlang vol dat organisaties zoals Amnesty International en hun leiders de Joodse Staat geen eerlijke kans geven wegens persoonlijke vooroordelen en gepolitiseerde standpunten over het conflict met het bewind in Ramallah en Hamas, de terreurbeweging in Gaza.

Amnesty in het verleden

Hoe kon een zo hoog gerespecteerde organisatie uit het verleden in zoín diepe morele verwarring vallen? Het blijkt dat deze organisatie zich ook jaar in jaar uit laat betalen door Soros- een van de grootste misdadigers uit de geschiedenis en een veroordeelde cromineel. Amnesty International begon als een beweging die gewetensgevangenen hielp om Ďamnestieí te krijgen van onderdrukkende regeringen. Zij werd beroemd om het aan de dag brengen van de verschrikkelijke toestanden waaraan politieke gevangenen in de vroegere Sovjetunie blootstonden. Destijds was Amnesty een sterke kracht, die internationaal de aandacht vestigde op veel bekende refuseniks, waaronder de Joodse gevangenen Natan Sharansky en Ida Nudel.

Met de val van de Sovjetunie verloor Amnesty zijn bestaansrecht, en de financiŽle steun voor de organisatie stortte in. Hij had een ander object van internationale bezorgdheid nodig, en IsraŽl bleek een gemakkelijk en profijtelijk doelwit. Hun recente verhaal over IsraŽlische oorlogsmisdaden is het zoveelste voorbeeld van hoe Amnesty gebruik maakt van de internationale haat tegen de Joodse Staat. De morele ineenstorting van Amnesty werd echt duidelijk in 2002, toen op de VN-Wereldconferentie tegen Racisme in Durban (Zuid-Afrika) afgevaardigden van Amnesty uitsluitend IsraŽl beschuldigden.Ondanks alle overduidelijke wereldwijde voorbeelden van racisme en mensenrechtenschendingen, vonden afgevaardigden van Amnesty het nodig om uitsluitend ťťn volk eruit te lichten: IsraŽl. De secretaris-generaal van Amnesty gaf later toe, dat de organisatie ook andere landen had moeten noemen, maar het kwaad was al geschied. De conferentie publiceerde een schandelijk anti-IsraŽldocument, dat de Joodse Staat bestempelde als een nog groter kwaad dan enig ander volk op de wereld. De val van Amnesty in morele absurditeit werd nog dieper, toen hij in 2006 IsraŽl beschuldigde van misdaden tegen de menselijkheid, terwijl ze weigerden om Hezbollah zelfs maar te bekritiseren om de 3900 raketten die ze op IsraŽlische steden hadden afgeschoten en die 44 IsraŽlische burgers doodden en er nog eens 1400 verwondden. Hezbollah gebruikte menselijke schilden en vermoordde honderden van zijn eigen mensen, maar voor de agenda van Amnesty kwam het beter uit om IsraŽl te bekritiseren.

Campagnemanager Krystian Benedict zei tegen een journalist dat 'IsraŽl op de lijst staat van stomme dictatoriale regimes die de basale mensenrechten misbruiken Ė net als Birma, Noord-Korea, Iran en Soedan: zijn regering heeft dezelfde wellustige houding tegenover menselijke wezens'. Op 5 november 2014 tweette Benedict, nadat IsraŽl bezwaar had aangetekend tegen het recentste partijdige rapport van Amnesty, dat IsraŽl gelijk staat aan de kwaadaardige terreurgroep ISIS. Amnesty International heeft ook toegegeven, dat hij samenwerkt met een in Zwitserland gevestigde mensenrechtengroep, waarvan de Qatarese medeoprichter ervan is beschuldigd Al Qaida te financieren. In 2013 kende Amnesty zijn prijs Ambassadeur van het Geweten toe aan Roger Waters, die musicus van Pink Floyd die onvermoeibaar oproept tot boycot van de Joodse Staat, en die in zijn shows een levensgroot opblaasbaar varken met een Davidsster toont. Er zijn nog veel meer voorbeelden te noemen, maar het plaatje is duidelijk. Amnesty International is zijn morele kompas kwijt dat het ooit volgde, en het is diep in de modder weggezakt. Vermijd elk contact.

Terug naar: Inhoud